Mijn oncopsycholoog heeft mij onwaarschijnlijk geholpen

Ondernemer en podcastmaker Peter Van Herbruggen heeft prostaatkanker

Uit Leven • Editie 111 • Juli 2026

De voorbije zeven jaar waren voor Peter Van Herbruggen (67) een heftige periode waarin zijn werk, zijn mannelijkheid en zijn zelfbeeld onder druk kwamen te staan. Hij kreeg prostaatkanker en die kwam twee keer terug. Telkens kwam hij er bovenop. ‘Met enorme steun van mijn vrouw en mijn oncopsycholoog.’

Auteur: Marc Peirs • Fotograaf: Joost Joossen

Stel je vraag over kanker

Contacteer de Kankerlijn

Bel 0800 35 445
Ma-vr 9-12u en 13-17u
Chat met de Kankerlijn
Ma-vr 9-12u en 13-17u
(vermijd Edge als browser)

‘Ik kwam het ziekenhuis binnen als een gewone, gezonde man. Twintig minuten later stond ik op straat met het label “kankerpatiënt”, een label waar je nooit meer van af geraakt.’ 

Zeven jaar geleden voelde Peter van Herbruggen zich niet lekker en ging op consultatie bij zijn huisarts. Een bloedonderzoek maakte duidelijk dat er iets ernstigs aan de hand was. ‘Twee dagen later had ik een afspraak met een uroloog. Onderzoek wees uit: prostaatkanker. Na een biopsie werd mijn prostaat weggenomen. Behalve die operatie was er geen andere behandeling nodig.’

Dat was pas het begin van je kankertraject. De kanker kwam daarna nog twee keer terug?

Peter Van Herbruggen: ‘Klopt. Drie jaar later vonden de artsen uitzaaiingen in mijn ribben en mijn bekken. Ik kreeg lokale bestraling, in drie gerichte, intense dosissen. Dat was behoorlijk zwaar. Weer drie jaar later gingen bij een routinecontrole opnieuw alarmbellen af. De kanker was terug op en rond de plaats waar de prostaat had gezeten.’

Ik kwam het ziekenhuis binnen als een gewone, gezonde man. Twintig minuten later stond ik op straat met het label “kankerpatiënt”.

‘Een maand lang kreeg ik elke weekdag bestraling. Vooraf was er elke keer een lavement nodig, want je darmen moeten helemaal leeg zijn. Ik kreeg toen ook hormoontherapie: gedurende zes maanden elke maand een spuit. Dat is in een notendop mijn medische traject.’

Maar daar stopt het voor jou niet. Hoe belangrijk is het mentale aspect voor jou, naast het medische?

‘Bijzonder belangrijk, ik heb het aan den lijve ondervonden. Bij mijn eerste behandeling lag de focus vooral op het medische. Voor het psychische en het emotionele was er toen weinig ruimte. Bij mijn derde behandeling was dat anders. Ik kreeg toen een verpleegkundige toegewezen als vast aanspreekpunt (een verpleegkundig consulent oncologie of oncocoach). Die gaf me de raad om naar een oncopsycholoog te gaan. Een gouden tip. De gesprekken met de oncopsycholoog hebben mij onwaarschijnlijk geholpen om met mijn ziekte en de behandeling ervan om te gaan.’

Zeker de hormoontherapie was heel ingrijpend. Vertel eens over de neveneffecten?

‘Ik had spierverlies en maakte tegelijk vetmassa aan. Je lichaam dijt dus uit. Ik werd ook bijzonder sentimenteel. Om het even wat ik las of zag, kon mij aan het huilen brengen. Heel mijn zelfbeeld als man stortte in elkaar.’

Die therapie heeft ook een grote impact op je seksleven.

‘Je libido valt compleet tot nul terug, je krijgt nauwelijks nog een erectie en je kan enkel nog droog klaarkomen. Allemaal zaken waarover je samen met je partner moet kunnen en durven praten.’

‘Zodra de behandeling stopt, heb je een kans dat je lust deels terugkeert. De medische wereld kan daarbij helpen. Er zijn pillen, je kan een erectie oproepen via een pomp die bloed naar de penis brengt, je kan prothesen van de zwellichamen in de penis inplanten of je kan, zoals ik, injecties geven waardoor er bloed in de zwellichamen van de penis komt en je zo een erectie opwekt.’

‘Ik ben daar geen held in (lacht) maar ik heb het voordeel dat mijn vrouw Frie heel geduldig en tolerant is en in de zorg werkt. Ze heeft er geen moeite mee om die injecties te geven en ze weet dankzij haar professionele ervaring hoe en waar je die spuiten gebruikt. In alle eerlijkheid: vóór de hormoontherapie was seks impulsief, nu moet ik constant nadenken over mijn seksualiteitsbeleving.’

Zou je, wetend wat je nu weet, die hormoontherapie opnieuw willen?

‘Ik ben er helemaal geen fan van, zoals je merkt (lacht). Maar ik denk en vrees dat ik niet anders kan. Ik weet nu dat mijn kanker niet meer volledig te genezen is, maar ik hoop dat die nog lang onder controle blijft. De kans dat de kanker over x aantal jaren weer opduikt, is reëel. Zoals ik er nu voor sta, kan je vermoeden dat mijn behandeling dan weer voor een deel uit hormoontherapie zal bestaan.’

Spreek je daar ook over met je oncopsycholoog? Want je hebt met haar een goede band.

‘Je moet inderdaad iemand vinden met wie je openlijk kan praten zonder je verlegen of schuldig te voelen. Prostaatkanker is een ziekte onder de gordel, letterlijk en figuurlijk. Daar praat een mens dus al niet graag over, en al helemaal niet als je van mijn generatie bent.’

‘Ik had nooit geleerd om over intieme zaken te spreken. In het begin verbaasde het me dat de gesprekken met mijn oncopsycholoog Lies zo rustig, begripvol en schroomvallig verliepen. Ik ben blij en dankbaar dat mijn vrouw mij op alle manieren zo hard steunt. Maar behalve die nabije partner heb je iemand nodig die een beetje verder van je af staat, net genoeg om in volle vertrouwen intieme gesprekken te kunnen voeren. Ik wens iedereen met kanker een Lies toe zoals de mijne.’

Ook de financiële kant speelt een rol bij kanker. Je stond aan de leiding van je eigen elektrotechnisch bedrijf met 25 werknemers. Plots valt de baas weg. Wat betekende dat voor je onderneming?

‘Ik was bedrijfsleider, ik nam altijd de belangrijkste beslissingen. Ik had nooit gedacht dat die vanzelfsprekende positie zou gaan wankelen. Ik zie mij nog zitten in mijn ziekenhuiskamer, kort na de eerste operatie, met darmpjes en een pijnpomp terwijl mijn secretaresse een plaatsje zocht om mij belangrijke documenten te laten ondertekenen. Toen realiseerde ik me dat ik verkeerd bezig was (lacht).’

Ook in de professionele wereld wist men snel dat je kanker had?

‘Zeker. Een van mijn grotere klanten vroeg op de man af of ik alle afspraken en verplichtingen nog kon nakomen. Een langere windstilte was geen optie. Ik heb dan een groter bedrijf gevonden dat mijn bedrijf wilde overnemen met identiek dezelfde arbeidsvoorwaarden voor het personeel. Dat vond ik belangrijk. Ik ondertekende de overname in de cafetaria van het ziekenhuis (lacht).’

Je ging werken bij je overnemer. Maar de kanker kwam voor de tweede keer terug.

‘Ja, net toen ik daar met pensioen ging. Zoals ik al zei kreeg ik toen radiotherapie en hormoontherapie. En door een probleem met de verbinding van mijn blaas naar een van mijn nieren werd die nier weggehaald. Ik bleef een jaar thuis. Toen vroeg men mij om facilitymanager te worden in een raffinaderij in de Antwerpse haven. Dat was beter voor mij dan met pensioen gaan. Ik werk er nu al twee jaar, vier dagen per week. Ik heb de tijd van mijn leven.’

In je – overigens zeer onderhoudende – podcast over prostaatkanker zet je mensen ertoe aan om waar het kan hun leven voor een deel zelf in handen te nemen.

‘Als patiënt kan je zelf ook stappen zetten, daar ben ik zeker van. Je kan zoals ik een oncopsycholoog inschakelen voor waardevolle gesprekken. Je kan kine vragen, je kan bekkenbodemspieren oefenen tegen incontinentie. Je kan samenkomen met anderen met kanker. Kortom: je hoeft niet altijd te wachten om initiatief te nemen tot je dokter het zegt.’

Jouw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Lees meer verhalen in het magazine Leven

Veel van onze verhalen zijn ook verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. Abonneer je om geen enkel verhaal te missen!