Chronische lymfatische leukemie

Als een eekhoorn na een bosbrand
Koen Van Hoeylandt
Lees het verhaal
Chronische lymfatische leukemie (CLL) is een woekering van lymfocyten, een bepaald soort witte bloedcel. Bij ons is het de meest voorkomende vorm van leukemie. Welke onderzoeken moet u ondergaan? Welke behandelingen zijn mogelijk? Hoe komt u in contact met lotgenoten? Waar vindt u steun?

Wat is chronische lymfatische leukemie?

766 diagnoses chronische lymfatische leukemie
op 71.651 kankerdiagnoses in 2019
(België)

Chronische lymfatische leukemie (CLL) is een woekering van lymfocyten, een bepaald soort witte bloedcel.

Beenmerg is het zachte binnenste van beenderen. In het beenmerg zitten stamcellen. Dat zijn onrijpe cellen die zich kunnen ontwikkelen tot drie belangrijke bestanddelen van ons bloed:

  • rode bloedcellen: transporteren zuurstof naar alle lichaamsdelen,
  • witte bloedcellen: bestrijden infecties,
  • bloedplaatjes: zorgen ervoor dat het bloed stolt en bloedingen stoppen.

Het beenmerg maakt ook lymfocyten aan. Dat zijn speciale witte bloedcellen die infecties tegengaan. Bij chronische lymfatische leukemie is er sprake van een sterke toename van een bepaald type lymfocyten: B-cellen. Gezonde bloedcellen hebben dan niet meer genoeg plaats.

Hoe vaak komt chronische lymfatische leukemie voor?

De Stichting Kankerregister registreerde in 2019 in België 766 nieuwe gevallen van chronische lymfatische leukemie, waarvan 459 bij mannen en 307 bij vrouwen. De ziekte komt vooral voor bij mensen boven de 60 jaar. Maar ook jongere mensen kunnen de ziekte krijgen. Bij mannen komt de ziekte vaker voor dan bij vrouwen.

Kunt u chronische lymfatische leukemie voorkomen?

U kunt niet vermijden dat u misschien kanker krijgt, maar u kunt wel wat doen om het risico te verkleinen: niet roken, verstandig omgaan met de zon, matig alcohol drinken en gezond eten en bewegen. Lees meer over kanker voorkomen. Ook andere kankerverwekkende stoffen komen aan bod: asbest, fijn stof en hormoonverstorende stoffen.

Symptomen van chronische lymfatische leukemie

Veel mensen met chronische lymfatische leukemie vertonen bij de diagnose geen symptomen. Vaak wordt de ziekte ontdekt bij een bloedtest die om een andere reden werd afgenomen.

Als er symptomen zijn, zijn ze veeleer vaag:

  • vermoeidheid
  • slapheid
  • gewichtsverlies
  • kortademigheid

Deze symptomen kunnen echter ook een andere oorzaak hebben dan kanker.

Door de ophoping van kwaadaardige B-cellen kunnen de lymfeklieren opzwellen en de milt groter worden. Mogelijke klachten zijn dan

  • een zwaar of pijnlijk gevoel links in de bovenbuik
  • een verminderde eetlust veroorzaken

De kwaadaardige B-cellen kunnen ook ophopen in het bloed en het beenmerg. Gezonde cellen hebben dan niet meer genoeg plaats. Hierdoor kan een tekort ontstaan aan gezonde rode en witte en bloedcellen en aan bloedplaatjes. Mogelijke klachten zijn dan

  • kortademigheid
  • hartkloppingen
  • vermoeidheid
  • koorts
  • bleekheid
  • infecties: bijvoorbeeld keelontsteking, bronchitis, tandvleesinfectie
  • bloedingen: bijvoorbeeld neusbloedingen, bloedend tandvlees, hevige menstruaties

Onderzoeken en diagnose van chronische lymfatische leukemie

Uw arts start met een gesprek over uw gezondheidstoestand en een lichamelijk onderzoek.

  • Als uw arts vermoedt dat u misschien chronische lymfatische leukemie hebt, zal hij een gericht bloedonderzoek uitvoeren.
  • Als dat verdachte afwijkingen aan het licht brengt, volgt een beenmergonderzoek. Voor zo’n onderzoek is een punctie en eventueel een biopsie nodig.
    - Bij een punctie wordt met een naald beenmerg weggenomen uit het borstbeen of uit de rand van het bekken en onderzocht.
    - Bij een biopsie wordt een stukje bot uit de bekkenrand verwijderd en onderzocht.

Aan de hand van de uitslag van deze onderzoeken stelt een arts gespecialiseerd in bloedziekten (hematoloog) de diagnose. Als u chronische lymfatische leukemie hebt, helpen het bloed- en beenmergonderzoek ook bepalen welk type u precies hebt.

Er kunnen ook nog andere onderzoeken plaatsvinden:

  • röntgenonderzoek van het hart en de longen
  • röntgenonderzoek en echografie van de buik
  • hartfunctieonderzoek om de werking van de hartspier te testen
  • extra bloedonderzoek om meer informatie te verkrijgen over het functioneren van bepaalde organen (bijv. de lever en de nieren)
  • punctie van ruggenmergvocht

Met DNA-onderzoek of moleculair onderzoek kan uw arts veranderingen ontdekken in het DNA van kankercellen. Die ‘mutaties’ zitten niet in het DNA van gezonde cellen. Ze opsporen is belangrijk om te kunnen kiezen voor de best mogelijke behandeling.

Stadia van chronische lymfatische leukemie

Bij chronische lymfatische leukemie spreken we van drie risicograden:

  • laag risico
  • gemiddeld risico
  • hoog risico

Behandelingen

De behandeling van chronische lymfatische leukemie wordt besproken en gepland in een overleg waarbij specialisten van verschillende disciplines en idealiter ook de huisarts betrokken zijn (multidisciplinair oncologisch consult of MOC). Dat team van artsen houdt bij de keuze van de behandeling vooral rekening met de klachten die u ondervindt, uw leeftijd en uw algemene gezondheidstoestand.

De behandelend arts bespreekt het behandelingsvoorstel vervolgens met de patiënt. In overleg met de patiënt legt de arts de uiteindelijke behandeling vast.

Bij CLL met een laag risico kiest de arts in veel gevallen in eerste instantie voor actieve opvolging: hij adviseert een zorgvuldige en regelmatige controle zonder een specifieke behandeling te starten. Als de klachten toenemen, wordt er meestal chemotherapie aangeraden of een meer doelgerichte therapie of een combinatie van chemotherapie en doelgerichte therapie.

De meest toegepaste behandelingen van CLL met een gemiddeld en hoog risico zijn chemotherapie in combinatie met doelgerichte therapie en (zelden) stamceltransplantatie (SCT). Soms wordt radiotherapie toegepast.

Aarzel niet uw arts vragen te stellen over de mogelijkheden en over de bijwerkingen van de verschillende behandelingen. Bij twijfel kan ook een tweede mening van een andere specialist verhelderend en nuttig zijn.

Hoe kunnen wij u helpen?

Voor uw vraag of probleem over kanker, neem contact op met de Kankerlijn van Kom op tegen Kanker: