Hormoontherapie bij prostaatkanker

De bedoeling van hormoontherapie is om de werking van het mannelijke hormoon (testosteron), dat prostaatkanker kan helpen groeien, te verminderen. Dat kan door het testosteron weg te nemen of door de werking ervan te blokkeren.

Hormoontherapie (ook hormonale therapie, antihormoontherapie of antihormonale therapie genoemd) kan bij prostaatkanker in de volgende gevallen voorgesteld worden:

  • als aanvulling op een bestralingsbehandeling of een operatie bij mannen met een verhoogd risico op herval;
  • als eerste behandeling bij patiënten die geen operatie of bestraling kunnen ondergaan (omdat ze bijvoorbeeld andere ernstige gezondheidsproblemen hebben) of die niet genezen kunnen worden met een operatie of bestraling omdat de kanker uitgezaaid is;
  • als na een eerste behandeling (operatie of bestraling) de kanker terugkomt.

Hormoontherapie wordt meestal gegeven in de vorm van inspuitingen. Voorbeelden van medicijnen die via injectie worden toegediend, zijn degarelix (merknaam Firmagon), gosereline (Zoladex) en triptoreline (Decapeptyl). Er bestaat ook een medicijn in pilvorm. Dat wordt meestal voor een beperkte periode gegeven als voorbereiding op de eerste injectie.

Hormoontherapie kan de tumor verkleinen, stabiliseren of trager doen groeien, maar geneest de kanker niet.

Bijwerkingen

Bijwerkingen van een hormoonbehandeling zijn plotse warmteopwellingen, gewichtstoename, afname van spiermassa, vermoeidheid, het opzwellen van de borsten en pijnlijke tepels. Bij langdurig gebruik kan ook osteoporose optreden. Ook cognitieve stoornissen (toename vergeetachtigheid ...) en neerslachtigheid kunnen optreden.