Behandeling van blaaskanker

Verschillende specialisten bespreken samen hoe ze je ziekte het best kunnen behandelen. Dat gebeurt in het multidisciplinair oncologisch consult (MOC). Je huisarts wordt daarbij betrokken en krijgt het verslag. Voor de keuze van de behandeling houden artsen vooral rekening met het stadium van de ziekte, met je conditie en je leeftijd. In overleg met jou legt de arts dan de behandeling vast.

Als de ziekte beperkt bleef tot de blaas en niet uitzaaide, stelt de specialist wellicht een curatieve behandeling voor. Dat is een behandeling om je te genezen. Bij een uitgezaaide blaaskanker stelt de specialist een palliatieve behandeling voor: die geneest de ziekte niet, maar remt de groei van de tumor (tijdelijk) af en vermindert de klachten. Soms zijn er verschillende behandelingen mogelijk. 

Stel je arts gerust vragen over de voorgestelde behandelmogelijkheden en over mogelijke bijwerkingen van de behandeling. Als je twijfelt, kan een tweede mening van een andere specialist verhelderend en nuttig zijn.

Voor niet-spierinvasieve blaaskanker is een andere behandeling nodig dan voor spierinvasieve blaaskanker

De meest toegepaste behandelingen van niet-spierinvasieve blaaskanker zijn op dit moment een operatie (chirurgie) en aanvullende blaasspoelingen met medicijnen. Bij niet-spierinvasieve blaastumoren is ook na de behandeling de kans op herval groot. Bovendien bestaat de kans dat de tumor doorgroeit in de spierlaag en zo spierinvasieve blaaskanker wordt. Afhankelijk van bepaalde criteria (onder andere de microscopische kenmerken van de tumor, het aantal gezwellen en de grootte ervan) wordt een risicoprofiel voor herval en uitbreiding bepaald (laag, gemiddeld of hoog risico). Opvolging is dus heel belangrijk. Op basis van je risicoprofiel stelt je uroloog je een schema voor blaaspoelingen en opvolging op maat voor. 

De meest toegepaste behandeling van spierinvasieve blaaskanker is op dit moment een operatieve wegname van de blaas (chirurgie) gevolgd door plaatsing van een urinestoma of vervangblaas. Om de prognose te verbeteren, krijg je voor je operatie vaak eerst chemotherapie.In bepaalde gevallen kan ervoor gekozen worden om de blaas niet weg te nemen maar om ze te bestralen (radiotherapie). Dat gebeurt meestal na na een TUR blaas en in combinatie met chemotherapie. 

Is de blaaskanker al uitgezaaid bij de diagnose, dan gaat de arts soms niet opereren, maar meteen een behandeling met medicijnen voorstellen (chemotherapie en/of immunotherapie). Voor mensen met gevorderde blaaskanker die eerder behandeld zijn met chemotherapie en immunotherapie, is doelgerichte therapie een behandelingsoptie. 

Stel je vraag over kanker

Contacteer de Kankerlijn

Bel 0800 35 445
Ma-vr 9-12u en 13-17u
Chat met de Kankerlijn
Ma-vr 9-12u en 13-17u
(vermijd Edge als browser)
Met dank aan prof. dr. Wouter Everaerts
Laatst aangepast op
Laatst medisch gereviseerd op