Blaaskanker

Ode aan papa
Mijn nieuwe blaas betekende een kans op een nieuw leven
Ik ben stomadrager, geen stomapatiënt
Blaaskanker ontstaat doordat cellen in de blaas zich ongecontroleerd vermenigvuldigen en een kwaadaardig gezwel vormen. Welke onderzoeken moet u ondergaan? Welke behandelingen zijn mogelijk? Hoe komt u in contact met lotgenoten? Waar vindt u steun?

Wat is blaaskanker?

2326 diagnoses blaaskanker
op 68.702 kankerdiagnoses in 2017
(België)

In de blaas wordt urine opgevangen die via de urineleiders uit de nieren komt. De urine wordt tijdelijk opgeslagen in de blaas en verlaat het lichaam via de urinebuis (ook plasbuis of urethra genoemd) wanneer er geplast wordt. Nieren, urineleiders, blaas en urinebuis vormen samen de urinewegen.

Blaaskanker is een ziekte waarbij zich kwaadaardige cellen vormen in de blaas. Er zijn verschillen types blaastumoren, die genoemd worden naar de cellen waarin ze ontstaan. De meest voorkomende blaaskanker gaat uit van het slijmvlies van de blaas. Omdat slijmvliezen overal in de urinewegen aanwezig zijn, kunnen er op verschillende plaatsen in de urinewegen tumoren voorkomen.

De urinewegen

Een tumor die beperkt blijft tot het slijmvlies van de blaaswand, is een oppervlakkige blaaskanker. De tumor kan echter doorgroeien in de diepere lagen en in de spierlaag van de blaaswand. We spreken dan van een spierinvasieve blaaskanker. Het risico is ook groter dat deze tumoren uitzaaien naar de lymfeklieren en via het bloed naar andere organen.

De Stichting Kankerregister registreerde in 2017 in België 2326 nieuwe gevallen van blaaskanker. Blaaskanker komt bijna vier keer meer voor bij mannen dan bij vrouwen: in België is het de vijfde meest voorkomende kanker bij mannen (ongeveer 5 % van alle kankerdiagnoses bij mannen). De ziekte treft vooral mensen van boven de 60 jaar.

Voorkomen

U kunt niet vermijden dat u mogelijk kanker krijgt, maar u kunt wel een en ander doen om het risico op de ziekte te verkleinen: gezond eten en bewegen, verstandig omgaan met de zon en niet roken. Ook andere mogelijke kankerverwekkende stoffen komen aan bod: asbest, fijn stof, hormoonverstorende stoffen ... Lees hier alles over kanker voorkomen.

Onderzoeken

In een vroeg stadium veroorzaakt blaaskanker nauwelijks klachten. De volgende klachten of symptomen kunnen wijzen op blaaskanker: bloed in de urine, pijn bij het plassen of vaker moeten plassen dan gewoonlijk. Deze symptomen zijn echter niet altijd specifiek voor blaaskanker, maar het is wel het beste ermee naar de huisarts te gaan. Die zal indien nodig doorverwijzen naar een uroloog. Het plassen van bloed is een absolute indicatie voor verder onderzoek.

Om blaaskanker op te sporen, kunnen de volgende onderzoeken gebeuren. Met een urineonderzoek kunnen afwijkende cellen gevonden worden. Daarna is verder onderzoek nodig om te zien waar de tumor zich precies bevindt. Een echografie (onderzoek met geluidsgolven) van de nieren en van een gevulde blaas kan al richtinggevend zijn en is pijnloos. Het meest geschikte onderzoek is de cystoscopie, waarbij de uroloog de blaasholte van binnen bekijkt. Hij doet dat met een cystoscoop, een smalle, bij voorkeur flexibele buis die via de urinebuis in de blaas wordt gebracht nadat een verdovende gel is ingebracht via de urinebuis.

Als de diagnose blaaskanker gesteld is, willen de artsen weten in welk stadium de ziekte zich bevindt: dat is de mate waarin de ziekte zich in het lichaam heeft uitgebreid. Dat helpt hen immers mee de behandeling te bepalen. Nadat het letsel in de blaas operatief is verwijderd, wordt het in het laboratorium onderzocht (pathologisch onderzoek). Onder andere op basis van dat onderzoek kunnen de artsen bepalen of het om oppervlakkige blaaskanker of spierinvasieve blaaskanker gaat. Er kunnen ook nog een aantal foto's genomen worden: een IVP of IVU (intraveneus pyelogram of intraveneus urogram). Dat zijn röntgenonderzoeken van de urinewegen waarmee de blaas, het nierbekken en de urinewegen duidelijk zichtbaar worden. Dat gebeurt na een intraveneuze inspuiting (een inspuiting in een ader) met een contraststof. Om ook de hogere urinewegen te controleren, kan een CT-urografie worden verricht. Indien er sprake is van een spierinvasieve blaaskanker wordt er ook een CT-scan van de longen genomen (computertomografie: met röntgenstralen worden gedetailleerde doorsneden van het lichaam genomen).

Behandelingen

De behandeling van blaaskanker wordt besproken en gepland in een overleg waarbij specialisten van verschillende disciplines en idealiter ook de huisarts betrokken zijn. Dat team van artsen houdt voor de keuze van de behandeling vooral rekening met de uitgebreidheid van de tumor en de algemene conditie van de patiënt. De behandelend arts bespreekt het behandelingsvoorstel vervolgens met de patiënt. In overleg met de patiënt legt de behandelend arts de uiteindelijke behandeling vast.

De behandelend arts-specialist zal een van onderstaande behandelingen of een combinatie ervan adviseren. Als de ziekte beperkt is gebleven tot de blaas en niet is uitgezaaid, zal de specialist wellicht een curatieve behandeling voorstellen. Een curatieve behandeling is gericht op de genezing van de patiënt. Bij een uitgezaaide blaaskanker zal een palliatieve behandeling voorgesteld worden: dat is een behandeling die de ziekte niet geneest, maar ze remt en/of klachten vermindert. Soms zijn er verschillende behandelingen mogelijk. Aarzel niet uw arts vragen te stellen over de keuzemogelijkheden en over de bijwerkingen van de verschillende behandelingen. Bij twijfel kan ook een tweede mening van een andere specialist verhelderend en nuttig zijn.

Hieronder maken we het onderscheid tussen de behandeling van oppervlakkige blaaskanker en de behandeling van spierinvasieve blaaskanker.

  • De meest toegepaste behandelingen van oppervlakkige blaaskanker zijn op dit moment een operatie (chirurgie) en blaasspoelingen met medicijnen. Bij oppervlakkige blaastumoren is ook na behandeling de kans op herval groot. Bovendien bestaat ook de kans dat de tumor doorgroeit in de spierlaag en zo een spierinvasieve blaaskanker wordt. Afhankelijk van welbepaalde criteria (onder andere het aantal gezwellen en de grootte ervan) wordt een risicoprofiel voor wat betreft herval en uitbreiding bepaald (laag, gemiddeld, hoog risico). Opvolging is dus uitermate belangrijk, en uw uroloog zal daarom een opvolgschema op maat voorstellen.

  • De meest toegepaste behandeling van spierinvasieve blaaskanker is op dit moment een operatie (chirurgie) gevolgd door plaatsing van een urinestoma of vervangblaas. Om de prognose te verbeteren, wordt vaak voorafgaand aan de operatie chemotherapie gegeven. In uitzonderlijke gevallen wordt bestraling (radiotherapie) van de blaas toegepast. Als de blaaskanker al is uitgezaaid bij de diagnose, wordt er soms niet geopereerd maar onmiddellijk voor een behandeling met medicijnen gekozen (chemotherapie of immuuntherapie).

Forum

bloeduitslagen

Dinsdag moet ik met mijn zoon van 12 naar de oncoloog. Hij heeft al 3 jaar periodes met aanvallen van Tachycardie, mydriase, verminderd bewustzijn, hartkloppingen , misselijkheid, duizeligheid, (heel heftige ) vapeurs, migraine,gewrichtspijn.

Hij heeft ook al drie jaar lang diarree en heftige krampen die vaak al optreden terwijl hij zelfs nog aan het eten is. Sinds een 4 tal maanden valt hij ook af (8 kilo nu, hij was wel te zwaar).

De aanvallen komen steeds vaker voor, duren langer (vroeger slechte periode= week of 2 drie, dan weer enkele betere weken. Nu zit hij al 8 weken in zijn slechte periode)  en worden

Re: Von Hippel lindau???

UZA doet specifiek onderzoek naar  feochromocytomen bij kinderen (dienst endocrinologie) en allicht elk UZ.
johan