Wat is radiotherapie?

Radiotherapie (ook bestraling genoemd) is een medische behandeling met ioniserende stralen. Meer dan de helft van alle kankerpatiënten heeft op een bepaald moment tijdens zijn ziekte radiotherapie nodig. Samen met andere behandelingstechnieken zoals chirurgie en chemotherapie kan radiotherapie kanker bestrijden.

Radiotherapieafdeling van het UZ Leuven. Foto KotK/Filip Claessens Meer dan de helft van alle kankerpatiënten heeft op een bepaald moment tijdens zijn ziekte radiotherapie nodig. Foto: KotK/Filip Claessens

De informatie gaat enkel over het gebruik van bestraling bij de behandeling van kanker. Bestraling wordt soms ook gebruikt voor de behandeling van goedaardige gezwellen en andere ziekten.

Bestralingsbehandelingen vereisen speciale toestellen, en die zijn niet in elk ziekenhuis aanwezig. Daarom zal uw huisarts of uw oncoloog u mogelijk verwijzen naar een ander ziekenhuis waar wel een geschikte bestralingsafdeling is.

Hoe werkt het?

Bestraling is net zoals chirurgie een lokale behandeling, wat betekent dat ze alleen effect heeft op de plaats die door de bestraling getroffen wordt.

De bedoeling van radiotherapie is om door middel van straling energie over te brengen op de menselijke weefsels. Deze energie tast de cellen aan. Kankercellen groeien door de bestraling echter niet verder of sterven af. Straling kan echter ook invloed hebben op de gezonde cellen in het bestraalde gebied. Daardoor kan de huid rood en gevoelig worden en kunnen ook andere bijwerkingen optreden. De bestraling op zich is pijnloos.

Het gebied dat moet worden bestraald, verschilt per patiënt. Ook de duur van de bestralingskuur, de intensiteit en het bestralingsschema (het aantal bestralingen) kunnen variëren. De bestraling op zich is pijnloos.

Bestraling is net zoals chirurgie een lokale behandeling, wat betekent dat ze alleen effect heeft op de plaats die door de bestraling getroffen wordt. Andere kankerbehandelingen zoals hormoontherapie of chemotherapie daarentegen werken overal in het lichaam. Bestraling is ook een precieze behandeling. Dat wil zeggen dat het met moderne bestralingsapparatuur mogelijk is nauwkeurig te bestralen wat men wil bestralen. De bestralingsdosis op omliggende gezonde weefsels blijft laag. Radiotherapie is een vakgebied in volle ontwikkeling; er worden continu nieuwe technieken en nieuwe toestellen ontwikkeld. Niet elke patiënt en elke kanker hoeft echter behandeld te worden met die allernieuwste technieken. Uw radiotherapeut-oncoloog weet wat voor u de meest geschikte techniek is.

Wat bestralen?

De radiotherapeut-oncoloog bestraalt het gezwel zelf, of als er al een operatie geweest is, de plaats waar het gezwel gezeten heeft – dat heet het 'tumorbed'. Meestal bestraalt de radiotherapeut-oncoloog met een ruime marge. In die ruime marge zitten vaak ook de lymfeklieren die mogelijk kankercellen bevatten. De radiotherapeut-oncoloog zal voor elke individuele patiënt een aangepaste behandeling voorstellen.

Resultaat

Bestraling werkt langzaam. Dat wil zeggen dat het moeilijk of soms onmogelijk is om tijdens de bestralingsreeks zelf al te meten of de behandeling aanslaat of niet. Als er tijdens de bestraling weinig bijwerkingen zijn, betekent dat niet dat de bestraling niet goed werkt. Het resultaat van de behandeling wordt vaak pas na enkele weken geëvalueerd aan de hand van bv. beeldvorming.

Voorbereiding op de radiotherapie

Voorbereidende onderzoeken

Voor een kankerbehandeling start, zal uw behandelend specialist een aantal onderzoeken (laten) uitvoeren om het stadium van de ziekte te kennen. Hij zal bijvoorbeeld onderzoeken hoe groot het gezwel is, waar het precies zit, of het in de omliggende organen groeit, of er misschien al uitzaaiingen zijn ... Uitzaaiingen, ook wel metastasen genoemd, zijn kankercellen die via de lymfewegen of het bloed meegevoerd worden en in de buurt van het gezwel lymfeklieraantasting geven, of elders in het lichaam beginnen te groeien, zoals in de lever, de longen, hersenen of de botten.

Multidisciplinair overleg

Uw behandelend arts bespreekt de resultaten van alle onderzoeken in een overleg waarbij specialisten van verschillende medische disciplines en idealiter ook de huisarts betrokken zijn. Dit heet het multidisciplinair oncologisch consult (MOC). 

Het team van artsen, elk vanuit zijn of haar eigen expertisedomein, houdt voor de keuze van de behandeling vooral rekening met het type kanker, de uitgebreidheid van de ziekte en de algemene conditie van de patiënt. De behandelend arts bespreekt het behandelingsvoorstel vervolgens met de patiënt. In overleg met de patiënt legt de behandelend arts de uiteindelijke behandeling vast. Hij of zij stelt een brief op met de hoofdlijnen van uw behandeling, dit is het oncologisch behandelingsplan. U kan hiervan een kopie vragen, of eventueel een aangepaste versie in eenvoudige taal.

Eerste raadpleging op de bestralingsafdeling

De radiotherapeut-oncoloog zal uw dossier doornemen, u ondervragen en onderzoeken. Hij gaat ook in op de details van de bestralingsbehandeling. U krijgt uitleg over het verdere verloop van de behandeling, alsook over de bijwerkingen. U gaat het beste samen met een familielid of een kennis naar deze raadpleging, omdat u er veel informatie in een keer te horen krijgt.

Bedoeling van radiotherapie

Radiotherapie bij de behandeling van kanker kan verschillende bedoelingen hebben: curatief, neoadjuvant, adjuvant of palliatief. Er bestaan ook tussenvormen.

Curatieve bestraling

Een curatieve behandeling is bedoeld om een patiënt te genezen. Een curatieve bestraling moet het gezwel doen verdwijnen, zonder dat er een operatie aan voorafgaat of erop volgt. Dergelijke bestraling is vaak een bestraling met een hoge dosis. Het is mogelijk de bestraling te combineren met chemotherapie. De bestraling werkt lokaal, en de chemotherapie in de rest van het lichaam. Maar door beide tegelijkertijd te geven, kan de chemotherapie de kracht van de bestraling nog verhogen. In dit laatste geval spreken we van "concomitante chemoradiotherapie".

Neoadjuvante of preoperatieve bestraling

Soms is het nodig een gezwel voor de operatie te bestralen om het te verkleinen. Dat gebeurt om de operatie te vergemakkelijken. Dit heet een neoadjuvante of preoperatieve bestraling.

Adjuvante bestraling

Een adjuvante (ook "adjuverend" genoemd) behandeling wordt gegeven als aanvulling op de curatieve behandeling. Bij de behandeling van kanker is de curatieve behandeling vaak een operatie. Bestraling na de operatie kan dan de kans verkleinen dat het gezwel terugkomt.

Palliatieve bestraling

Bestraling kan ook bepaalde klachten zoals pijn (bij aantastingen van de botten bijvoorbeeld), bloedingen en kortademigheid verminderen. Palliatieve bestraling geneest de ziekte niet, maar verbetert wel de levenskwaliteit.

Soorten radiotherapie

Een gezwel kan op meerdere manieren bestraald worden.

Het bekendst is de uitwendige bestraling, waarbij de bestraling vanuit een machine buiten het lichaam komt. U ligt daarvoor op een behandelingstafel. Een groot toestel (de lineaire versneller) zendt een onzichtbare stralingsbundel naar de plaats van het gezwel. Het toestel straalt meestal vanuit verschillende posities of draait rond u terwijl u stil op de behandelingstafel blijft liggen.

Minder bekend is de inwendige bestraling (brachytherapie). Bij deze behandelingstechniek brengt de radiotherapeut-oncoloog één of meerdere buisjes,  katheters of naalden (samen de ‘bronhouders’ genoemd) in het lichaam. Dat gebeurt onder lokale of algemene verdoving. Nadien worden de bronhouders aangesloten op een toestel dat een radioactieve bron bevat.

Het behandelend team op de bestralingsafdeling

In de bestralingsafdeling staat een heel team medewerkers voor u klaar. In deze brochure spreken we gemakshalve over "hij", maar vanzelfsprekend zijn een groot deel van de medewerkers "zij". De volgende personen zullen zich inzetten om u een goede behandeling te garanderen:

De radiotherapeut-oncoloog

Dit is een arts-specialist die na zijn studie geneeskunde een specifieke opleiding in de radiotherapie-oncologie kreeg. Hij is gespecialiseerd in bestralingsbehandelingen, maar is ook oncoloog, wat wil zeggen dat hij betrokken is bij het opsporen van kanker en een centrale rol speelt bij de keuze van de behandeling en bij de behandeling zelf. Tijdens uw behandeling is er altijd een radiotherapeut-oncoloog beschikbaar als u een probleem zou hebben.

De bestralingsverpleegkundige of bestralingstechnoloog

Een team bestralingsverpleegkundigen bedient de bestralingstoestellen, en staat ook voor u klaar voor de dagelijkse opvolging van uw bestraling. Zij installeren u op de behandelingstafel, controleren uw positie en voeren de behandeling uit.

De bestralingsfysicus of radiofysicus

De bestralingsfysicus krijgt u misschien niet te zien, maar hij maakt toch actief deel uit van het team. Hij stelt voor elke bestraling een individueel plan op: hij berekent hoeveel straling toegediend moet worden om het gezwel te behandelen. De bestralingsfysicus zorgt ook voor de kwaliteitscontrole van het bestralingstoestel.

De secretariaatsmedewerker

De secretariaatsmedewerker van de bestralingsafdeling zorgt ervoor dat uw medisch dossier altijd ter beschikking is, dat alle nodige afspraken voor eventuele bijkomende onderzoeken gemaakt worden en dat uw huisarts of de doorverwijzende specialist zo vlug mogelijk het verslag van uw behandeling ontvangt. 

De sociaal werker en de psycholoog

Tijdens de bestraling duiken er soms wel wat problemen op. Misschien ziet u het niet meer goed zitten en hebt u behoefte aan wat emotionele steun. De sociaal werker en/of de psycholoog begrijpen uw situatie goed, en een gesprek met een van hen is dan een goede oplossing. De sociaal werker staat ook bij organisatorische of financiële problemen voor u klaar.

De diëtist

Bij eetstoornissen door het gezwel zelf of door de behandeling kan de diëtist u helpen.

De kinesitherapeut

Na de operatie of door de bestraling is het soms moeilijk om bepaalde spieren of gewrichten te bewegen. Vochtophoping kan eveneens een probleem vormen. De kinesitherapeut kan u met oefeningen en massages helpen deze last te verminderen.

Financiële voorzieningen bij radiotherapie

De bestralingsbehandeling zelf wordt voor een groot stuk terugbetaald. Wel kunnen er kosten zijn voor bepaalde geneesmiddelen. Voor het dagelijks vervoer van en naar de bestralingsafdeling is een beperkte tussenkomst via uw ziekteverzekering mogelijk. Lees meer over tussenkomsten voor vervoer.

Wie geen eigen vervoer heeft en zich bijvoorbeeld met de taxi of ziekenwagen moet verplaatsen, regelt dit het best via zijn ziekenfonds om de beste prijssetting te krijgen. U krijgt voor het vervoer na afloop van de bestraling een formulier om de terugbetaling bij het ziekenfonds aan te vragen. Richt u voor meer info tot de sociaal werker van de bestralingsafdeling.