Lieve: ‘Deze tijd van ziekte maakt voor ons ook deel uit van het leven. We hebben het al eens van dichtbij meegemaakt. Mijn zus Tine kreeg bij haar geboorte een levensverwachting van 2 jaar. Ze is er uiteindelijk 46 geworden, mee doordat mama altijd voor haar gevochten heeft. We hebben zoveel mooie dingen samen kunnen doen. Vorige zaterdag was het Tines verjaardag en hebben we een herdenking gehouden. Er was zoveel volk samen. We toonden foto’s, haalden herinneringen op. Mooie en moeilijke. We vierden haar rond haar zelfgekozen symbool, namelijk de libelle, omdat die voor transformatie staat. Door die lange zorg voor mijn zus, beseffen we goed dat ook de tijd die we samen in het ziekenhuis doorbrengen waardevol is. Ik moet dat goed organiseren, vrije dagen plannen op het werk, in het ziekenhuis tussendoor wat werken … Maar op die manier ben ik wel bij mama.’
Netwerk
Christiane: ‘De mensen rond de patiënt, het netwerk, die verdienen ook aandacht en zorg. Zij zijn zo nodig om de zieke te helpen en te ondersteunen. In dat netwerk kunnen mensen zich de vraag stellen: wat kan ik bijdragen? Zoals de zus en schoonbroer die elke week verse soep maken met groenten uit hun tuin en naar ons brengen, daar word ik gelukkig van!’
Christiane: ‘Ik denk ook aan de supergeëngageerde zorgvrijwilligers en verpleegkundigen, aan wie ik veel heb. Ik praat ook heel veel met de andere patiënten op deze afdeling. Ik probeer hen een beetje van mijn vrolijkheid mee te geven. Misschien kunnen ze van mij leren dat ze kunnen focussen op wat wel nog kan. Op hoe je elkaar kunt helpen en ondersteunen. Mensen kunnen elkaar zoveel geven door te luisteren, door zich open te stellen, door te voelen. Ik kom hier dan ook meestal lachend buiten! De wereld kan mooier worden, maar je kan het niet alleen. Dat ervaar ik hier in het ziekenhuis. Ik voel me hier thuis en verbonden met zowel het zorgpersoneel als de andere patiënten en hun naasten.’