Chirurgie bij wekedelentumoren

In de meeste gevallen kan een sarcoom operatief verwijderd worden. Samen met de tumor verwijdert de chirurg meestal ook een klein beetje weefsel rond de tumor dat schijnbaar gezond is. Dit doet hij omdat hij tijdens de operatie niet kan zien of het weefsel net buiten de plek van de tumor vrij is van kankercellen. Als hij ‘ruim’ opereert, is de kans dat alle kankercellen weg zijn groter.

Ligt de tumor in of tegen een spier of in de buurt van een orgaan? Dan moet de arts soms de hele spier of het hele orgaan verwijderen. Bij een aantal patiënten betekent dit dat de arts bijvoorbeeld veel bot of een zenuw moet weghalen. In deze situaties adviseert de arts meestal een combinatie van een minder ‘ruime’ operatie in combinatie met bestraling.

Na de operatie wordt in het laboratorium onderzocht of er in de randen van het weggenomen weefsel kankercellen aanwezig zijn. Als dat het geval is, wordt u mogelijk een tweede keer geopereerd.

Bijwerkingen en risico’s

De gevolgen van de operatie zijn vooral afhankelijk van de plaats waar u geopereerd bent en hoe uitgebreid de operatie was. Soms hebt u niet of nauwelijks last van de gevolgen. Maar soms treedt er functieverlies of functievermindering op, bijvoorbeeld als een zenuw, spier, orgaan of deel van een orgaan is verwijderd. Heel uitzonderlijk is een amputatie van een arm, been of deel ervan noodzakelijk, wat een heel aangrijpende gebeurtenis is met een grote impact.