De eerste twaalf maanden van arbeidsongeschiktheid worden ziektedagen gelijkgesteld met effectief gewerkte dagen. De ziektedagen na de eerste twaalf maanden van arbeidsongeschiktheid worden niet gelijkgesteld voor de berekening van uw vakantierechten.

  • Gedurende de eerste twaalf maanden van uw arbeidsongeschiktheid worden de ziektedagen gelijkgesteld met effectief gewerkte dagen voor de berekening van het aantal vakantiedagen en het vakantiegeld waar u het volgende jaar recht op hebt. Ook als u het werk progressief hervat, worden uw ziektedagen (zowel volledige dagen als daggedeelten wanneer u het werk met halve dagen hervat) tijdens de eerste twaalf maanden arbeidsongeschiktheid in deze zin gelijkgesteld.
  • De ziektedagen na de eerste twaalf maanden van arbeidsongeschiktheid worden niet gelijkgesteld voor de berekening van uw vakantierechten. Dit geldt ook indien u na het eerste jaar van arbeidsongeschiktheid nog progressief werkt. Hierdoor kan het voorkomen dat u bij een langere arbeidsongeschiktheid slechts een beperkt aantal vakantiedagen opbouwt.
    Stel bijvoorbeeld dat X, die bediende is en voltijds werkt, op 1 januari 2017 de diagnose darmkanker krijgt. Op 1 januari 2018 hervat X, na een jaar arbeidsongeschiktheid, progressief het werk waarbij hij met zijn werkgever afspreekt dat hij tijdelijk halftijds zal werken. Dit doet hij tot 1 januari 2019 waarna hij weer voltijds aan de slag gaat.
    • In 2018 zal X dan, door de gelijkstelling van de ziektedagen tijdens de eerste twaalf maanden arbeidsongeschiktheid, vier weken wettelijke vakantie hebben.

    • In 2019 zal X, gelet op de halftijdse tewerkstelling in 2018 en het gebrek aan gelijkstelling, slechts over twee weken wettelijke vakantie beschikken.

    • In 2020 zal X weer vier weken wettelijke vakantie hebben omdat hij gedurende gans 2019 weer voltijds aan de slag was.

  • Bent u 50 jaar of ouder en gaat u na meer dan een jaar ziekte (of volledige werkloosheid) weer aan het werk? Dan heeft u misschien recht op seniorvakantie. Lees er hier meer over
  • Wanneer u over minder dan vier weken wettelijke vakantie beschikt en niet aan de voorwaarden voor seniorvakantie (zie hierboven) voldoet, kunt u onder bepaalde voorwaarden wel aanspraak maken op aanvullende vakantie (ook wel Europese vakantie genoemd). Weet echter dat de vergoeding voor deze aanvullende verlofdagen wordt betaald met een voorschot van uw dubbel vakantiegeld van het volgende jaar. U zult in dat geval dus het volgende jaar minder vakantiegeld ontvangen, in verhouding met het aantal opgenomen aanvullende vakantiedagen. Meer informatie over de aanvullende vakantie.