Wij videobellen soms met elkaar vanop het toilet

Schouder aan schouder - Goede vrienden Peter en Jan delen een ziekte

Uit Leven • Editie 103 • Juli 2024
schouder aan schouder - Leven 103

Hun lederen motorjacks ogen stoer. Hun humor klinkt scherp. Maar toch is de band tussen Peter Quirijnen (51) en Jan Marchand (56) verrassend zacht. Ze zijn dan ook al lang goede vrienden en hebben heel wat gemeen. Naast een verleden, een kunstopleiding en een hobby, delen ze ook een ziekte.

Auteur: Liesbet De Vuyst • Fotograaf: Lieven Van Assche

Stel je vraag over kanker

Contacteer de Kankerlijn

Bel 0800 35 445
Ma-vr 9-12u en 13-17u
Chat met de Kankerlijn
Ma-vr 9-12u en 13-17u
(vermijd Edge als browser)

Jan: ‘Dertig jaar. Zolang zijn Peter en ik al vrienden. We leerden elkaar via onze toenmalige lieven kennen en het klikte meteen. We hadden allebei kunstschool Sint-Lucas gedaan en zijn uit hetzelfde hout gesneden: kunstzinnig, gevoelig, met soms een duister kantje en wellicht daardoor altijd op zoek naar humor. In die beginjaren zagen we elkaar dikwijls en gingen we met onze vriendinnen erbij geregeld op reis. Zelfs toen mijn liefdesrelatie op de klippen liep, bleef de vriendschapsband met Peter overeind.’

schouder aan schouder - Leven 103

Peter Quirijnen

schouder aan schouder - Leven 103

Jan Marchand

Peter: ‘Jan is de peter van mijn oudste dochter. Ja, we zijn altijd erg close geweest. Fysiek zelfs. Ooit sliepen we helemaal verkleumd lepeltje-lepeltje na een uitgeregende motorrit. Maar vooral mentaal is Jan mijn steun en toeverlaat. En zeker de laatste twee jaar. In het voorjaar van 2022 verliet mijn vrouw me omdat ze blijkbaar een vriendin had. Dat was net op het moment dat mijn ene dochter besliste met haar partner te gaan samenwonen en de andere op kot ging. En om het nog zieliger te maken, stierf ook mijn hond. Ik bleef alleen achter.’

‘Hoef ik je nog te vertellen dat dit niet echt de beste periode uit mijn leven was? Op de koop toe voelde ik me vaak moe, had ik last van felle buikkrampen, was ik vermagerd en was mijn stoelgang verstoord. Aanvankelijk dacht de huisarts aan stress, en dat klopte. Maar toen de klachten aanhielden, stuurde ze me door en bracht een coloscopie uitgezaaide darmkanker aan het licht. Daarbovenop werd ook nog uitgezaaide teelbalkanker vastgesteld. Er was geen verband tussen beide diagnoses.’

Luchtig

Jan: ‘Al heel vroeg in zijn ziekteparcours vroeg Peter of ik met hem mee wilde naar de consultaties. In eerste instantie omdat je dan met twee bent om de uitleg van de dokter te horen en dat is altijd handig. Maar ook omdat hij iemand aan zijn zij wilde om hem figuurlijk recht te houden. Ik twijfelde geen moment. En zo zat ik al snel bij ieder doktersgesprek naast hem. Ik bracht hem ook naar de chemotherapie en bracht hem naar het ziekenhuis telkens hij geopereerd moest worden. Peter kan niet meer genezen en zijn behandeling zal dus levenslang zijn. Ik probeer er altijd te zijn. Daar kruipt veel tijd in, maar ik heb het voor hem over. Lukt het eens niet om op een doktersafspraak aanwezig te zijn, dan volg ik graag mee via videocall.’

Peter: ‘Mijn ouders, mijn kinderen of mijn voormalige partner – met wie ik trouwens nog een uitstekende band heb – vraag ik liever niet mee naar het ziekenhuis. Dat weegt te veel voor hen. Aan Jan durfde ik die vraag wel stellen. Omdat hij geen familie is, maar ook omdat ik toen al wist dat hij goed is in het luchtig houden van de dingen. Hij heeft een geweldig gevoel voor humor, maar weet ook perfect wanneer grappen niet gepast zijn. Soms heeft Jan geen woorden, maar met een glimlach of handgebaar weet ik wat hij wil zeggen. Hoe hij ook reageert, het is altijd juist. Dat is heel troostend. En als zijn reactie toch eens ongepast is, dan weet ik dat ik hem daar zonder meer op kan wijzen. Ik wens iedereen echt zo’n vertrouwenspersoon, een goeie kameraad in je leven, of een onbekende die zegt “Ik draag jou nu”, iemand bij wie het niet weegt om over kanker te praten.’
 

schouder aan schouder - Leven 103

Janet

Peter: ‘Met Jan als buddy heb ik de juiste keuze gemaakt. En hoe verder ik in dat ziekteproces zit, hoe meer ik hem nodig heb. De behandelingen, de vermoeidheid, de geur van het ziekenhuis. Ik heb het zo gehad. En hoewel het gezien de omstandigheden redelijk goed met mij gaat, is het mentaal enorm zwaar. Maar als ik het hoofd laat hangen of zelfs eens ween, noemt Jan me steevast “janet” en alleen dat al is genoeg om weer te lachen. Al kunnen we samen ook heel ernstig zijn en intieme gesprekken voeren. Het is zeker niet zo dat Jan alles met grappen en grollen verdringt. In tegendeel zelfs. Jan is fotograaf en hij heeft in het begin van mijn ziekte al mijn emoties op beeld vastgelegd. Die foto’s verbloemen niets en toch zijn ze heel mooi. Rauw en hard veelal, maar soms ook pure poëzie.’

Als fotograaf leg ik graag pure emoties vast. Maar ik moet toch ook toegeven dat mijn fototoestel een bijkomend voordeel bood. Door Peter en zijn ziekte door de lens te bekijken, kon ik wat afstand nemen.

Jan: ‘Bij ieder onderzoek, bij iedere scan, bij iedere chemo was ik erbij. Dus kreeg ik het idee om mijn camera mee te nemen en foto’s te maken. Ik had daarvoor eerst toestemming gevraagd in het ziekenhuis en kreeg die. Alleen de operaties bracht ik niet in beeld. Als fotograaf leg ik graag pure emoties vast. Maar ik moet toch ook toegeven dat mijn fototoestel een bijkomend voordeel bood. Al dat slechte nieuws werd ook mij af en toe te veel. Door Peter en zijn ziekte door de lens te bekijken, kon ik wat afstand nemen. En dat was nodig om zelf overeind te blijven. Na een tijdje ben ik gestopt met die foto’s omdat ik daardoor soms ook belangrijke dingen miste.’

Inleven

Jan: ‘Een jaar na Peters diagnose werd bij mij ook een kwaadaardige tumor vastgesteld op het einde van de darm, exact op dezelfde plaats als bij Peter. De artsen konden de tumor al tijdens de coloscopie wegnemen. Er volgden nadien nog verschillende scans. Even dachten ze dat er ook al uitzaaiingen waren naar de lever, maar dat bleek vals alarm. Het verhaal van Peter kennende, was ik enorm in paniek. Omdat de artsen twijfelden of er na de coloscopie nog kankercellen waren achtergebleven in mijn darm, volgde nog een operatie waarbij ze 26 centimeter darm wegnamen. Na onderzoek bleek dat stuk kankervrij te zijn. Ik heb dus geluk gehad. Bij mij werd de kanker in een vroeg stadium ontdekt. Tot zolang ik geen zekerheid had over mijn situatie, heb ik er met geen woord over gerept tegen Peter.’

Peter: ‘Ik wist van niets. Pas toen Jan zeker was dat alles in orde was met hem, kreeg ik het nieuws over zijn darmkanker te horen. Ik ben toen even ingestort. Je wenst uiteraard niemand zo’n ziekte toe, maar al zeker Jan niet. Ik heb zoveel steun aan hem, dat ik er zelfs niet aan mag denken dat hij ook in de problemen zou komen. Het voordeel is dat hij zich nu wel heel goed kan inleven in mijn situatie. Door de darmoperatie die we beiden ondergingen, zitten we soms lang op het toilet. Het signaal dat zegt dat de stoelgang afgerond is, werkt niet meer. Dat is een gespreksonderwerp tussen ons en wij videobellen soms met elkaar vanop het toilet (lacht).’

Motorrijders

Peter: ‘Jan rijdt al met de motor van zo lang ik hem ken. En al even lang dringt hij er bij mij op aan om ook mijn motorrijbewijs te halen. Het kriebelde al heel lang om dat inderdaad te doen. Als ik Jan hoorde vertellen over zijn avontuurlijke reizen en zijn mooie foto’s zag, was ik best jaloers. Toen mijn vrouw bij me weggegaan is, vond ze dat het hoog tijd was om die droom eindelijk te realiseren. Ze heeft me toen een motor gekocht en anderhalf jaar geleden haalde ik mijn rijbewijs.’ 

schouder aan schouder - Leven 103
schouder aan schouder - Leven 103

Jan: ‘Sindsdien trekken we er af en toe samen op uit. Ik heb een buitenverblijf in Noord-Italië. Binnenkort is Peter er te gast en hij komt met de motor. Ik zal hem tegemoet rijden vanuit Italië en het plan is dan om samen nog even door de Alpen te cruisen. Dat gaat leuk worden.’

Peter: ‘Motorrijden is in eerste instantie genieten, maar voor mij is het ook therapeutisch. Het is helemaal anders dan autorijden. Je moet veel meer gefocust zijn en je ziet ook veel meer vanop de motor. Daardoor voelt het avontuurlijker en vrijer aan. Ik kan dan even mijn kanker en alles errond vergeten. In die helm van mij zit een brede en oprechte glimlach verscholen.’

Jouw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Lees meer verhalen in het magazine Leven

Veel van onze verhalen zijn ook verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. Abonneer je om geen enkel verhaal te missen!