Marina Charlier. Foto Filip Claessens

Ik heb het zelf moeilijk om de situatie te aanvaarden

Marina's partner heeft kanker

Uit Leven • Editie 97 • Januari 2023

Iets onder de adamsappel van Frank zit een stemknop. Daarop tekende hij een smiley. ‘Frank voelt zich goed en iedereen mag dat weten’, zegt zijn vrouw Marina Charlier (63). ‘Eigenlijk voelt Frank zich altijd prima. Zelfs de stembandkanker wist hem niet uit zijn lood te slaan.’ Marina daarentegen heeft het veel moeilijker met de diagnose van haar man.

Auteur: Liesbet De Vuyst • Fotograaf: Filip Claessens

Stel je vraag over kanker

Contacteer de Kankerlijn

Bel 0800 35 445
Nu niet beschikbaar
Ma-vrij 9-12u en 13-17u
Chat met de Kankerlijn
Nu offline Beschikbaar op 06/02/2023 om 09:00
Ma 9-12u
Woe 14-17u en 19:30-22:30u

‘Het is helemaal niet abnormaal dat je je zorgen maakt om je partner. En iemand zoals Frank, die zo rationeel met zijn ziekte omgaat, dat maakte ik nog niet mee.’ Onlangs sprak Marina’s huisarts die woorden. ‘Wat deden ze deugd’, zegt Marina. ‘Eindelijk bevestigde iemand dat Franks houding wel bewonderenswaardig, maar veeleer uitzonderlijk is. Tegelijkertijd boden ze troost: ik ben geen aansteller omdat ik me als partner zorgen maak. Toch voelde ik me sinds Franks diagnose vaak zo omdat ik het nieuws moeilijker verteerde dan de zieke zelf.’

Marina Charlier 2. Foto Filip Claessens

Rationele man

‘Het is nu vijf jaar geleden dat Frank (64) plotseling hees werd. De huisarts schreef de schorre stem eerst toe aan oprispend maagzuur. Maar na een korte behandeling met medicijnen, verdween de heesheid niet. Verder onderzoek bracht aan het licht dat mijn man een tumor had op zijn stembanden. Om te kunnen genezen moest een totale laryngectomie plaatsvinden. Daarbij worden niet alleen de stembanden, maar ook het strottenhoofd verwijderd. Het gevolg? Frank zou niet meer kunnen ademen en spreken langs de normale weg. Onder zijn adamsappel zou hij een stoma krijgen, een opening om door te ademen. Een stemknop in die opening zou ervoor zorgen dat hij ook weer kon spreken.’

Ik begon bij de dokter onmiddellijk te huilen. Frank daarentegen gaf geen kik.

‘Toen we die diagnose kregen, voelde ik de grond van onder mijn voeten wegzakken. Dat nieuws was zo overweldigend. Ik begon bij de dokter onmiddellijk te huilen. Frank daarentegen gaf geen kik. Dat ik een rationele man had, wist ik natuurlijk al langer. Maar dat zelfs een kankerdiagnose hem niet uit zijn lood sloeg, was verrassend. Het was middag toen we het ziekenhuis verlieten. We reden naar huis en aten samen. Na de maaltijd nam Frank zijn spullen en vertrok naar zijn werk. Ik bleef achter, helemaal van slag en in paniek. Wat zou er allemaal op ons afkomen?’ 

Gevoelsmens

‘Wij hebben een groot gezin met vijf kinderen. Diezelfde avond hebben we ze ingelicht. Met z’n allen zaten we rond de eettafel. Hoewel de kinderen uit hetzelfde hout gesneden zijn als Frank, toonden zij wel verdriet. Maar Frank troostte hen en zei “Het komt allemaal in orde”. Kanker overkwam hem en hij zou erdoor gaan. Het was alsof hij een auto was, even de garage binnen moest voor wat wisselstukken en dan weer verder kon. Het zou bovendien de enige keer zijn dat we als gezin echt over zijn ziekte zouden praten. Daarna kwam Franks kanker wel nog tussendoor ter sprake, maar nooit meer als volwaardig gespreksonderwerp.’

‘Met Franks rationele benadering had ik het heel moeilijk. Ik ben op en top een gevoelsmens en ventileer ook graag over wat er in me omgaat. Na de diagnose piekerde ik me suf. Ik was er niet gerust op dat alles in orde zou komen. Niet dat ik me grote zorgen maakte over genezen en overleven. Wel vroeg ik me af hoe Frank eruit zou zien na de ingreep. Zouden wij nog een normaal leven kunnen leiden? En hoe moest het financieel?' 

Na de diagnose piekerde ik me suf.

Maar er werd weinig gecommuniceerd. Niet alleen tussen Frank en mij, maar ook het ziekenhuis was naar mijn gevoel te karig met informatie. Ik had het daar lastig mee, want onwetendheid voedt de paniek. Om mezelf wat te kalmeren, ging ik samen met mijn dochter naar een lotgenotengroep van gelaryngectomeerden. Ik sprak er met een vrouw die zelf een stoma had. Die ontmoeting met haar nam de eerste angst weg.’

Wennen

‘Een tweetal weken na de diagnose werd Frank geopereerd. Hij bekeek het allemaal heel technisch en wou vooral weten wat de artsen precies gingen doen. Toen hij merkte dat hij na de operatie niet onmiddellijk kon praten, was hij even gefrustreerd. Maar voor de rest bleef hij altijd zijn kalme zelf. Misschien is het zijn kalmte die er net voor zorgde dat zijn hele behandeling en nadien ook de revalidatie zo vlot verliepen. Frank had geen bijwerkingen van de bestraling en na amper één logopedieles lukte het hem om via zijn stemknop te praten.’

Marina Charlier 3. Foto Filip Claessens

‘Ik ben trots op hem dat hij zowel fysiek als emotioneel zo goed standhield. Dat maakt het des te lastiger om toe te geven dat ik als niet-zieke het misschien wel moeilijker had om de hele situatie te aanvaarden. Zo moest ik na de ingreep aan heel wat dingen wennen. Aan zijn nieuwe stem die nu wat robotachtig klinkt. Maar ook aan onze tafelmomenten. Frank kan niet meer eten en spreken tegelijkertijd. Voedsel of drank zou rechtstreeks in zijn longen lopen als hij praat. Waar andere koppels aan tafel hun dag bespreken, is het hier dus altijd muisstil. Dat vind ik na al die jaren nog altijd vervelend. Ook het geluid dat hij maakt als hij hoest, raak ik niet gewoon. Dat hoesten klinkt pijnlijk, maar volgens Frank is dat niet het geval.’

Ik kreeg het gevoel dat ik het probleem groter maakte dan het in werkelijkheid was. Ik voelde me daardoor vaak alleen en triest.

‘Ook in mijn omgeving kreeg ik weinig kansen om mijn hart te luchten. Ik kreeg van de mensen rond ons altijd te horen hoe goed Frank het wel deed en hoe gelukkig hij er wel uitzag. Als ik dan durfde aangeven dat ik het lastig had, werd dat al snel weggewuifd. “Dat was toch nergens voor nodig”, klonk het dan. Dan durfde ik niets meer te zeggen. Ik kreeg het gevoel dat ik me aanstelde, het probleem groter maakte dan het in werkelijkheid was. Ik voelde me daardoor vaak alleen en triest.’

Marina Charlier 4. Foto Filip Claessens

‘In het begin hield ik een dagboek bij. Als ik daar nu in terugblader, merk ik dat het toch heftig was. Zelfs nu heb ik nog van die momenten dat ik treur. Omdat het niet meer is zoals vroeger. Omdat ik de gevolgen van de kanker nog iedere dag hoor en zie. Omdat ik weet dat dat voor altijd zo zal blijven. En net op die trieste momenten verdraag ik die smiley die me toelacht niet. Maar dan zegt Frank: “Ik voel me goed en iedereen mag dat weten”.’

Empathie

‘Kort na zijn diagnose ging het bedrijf waar Frank werkte failliet. Mijn man is nu werkloos. Om zich nuttig te maken, doet hij vrijwilligerswerk in het ziekenhuis. Hij praat met mensen die eenzelfde ingreep als hij moeten ondergaan.’

‘Ik sta ervan versteld hoe goed hij dat doet en hoe empathisch hij is. Hij ziet zelf in dat communiceren rond angst helpt en dat niet alleen de patiënt maar ook de partner daar nood aan heeft. Het is een beetje pijnlijk en grappig tegelijkertijd dat hij meer medelijden met anderen heeft dan met zichzelf en mij.’

Het gebeurt wel eens dat Franks optimisme me zodanig irriteert dat ik kwaad word.

Onbegrip

‘Het gebeurt wel eens dat Franks optimisme me zodanig irriteert dat ik kwaad word. Dat wij daar alle twee zo verschillend mee omgaan, is regelmatig voer voor discussie. In het begin had hij wel begrip voor mijn bezorgdheid, maar na een tijd werd hij daar korter in: “Je ziet toch dat alles in orde is.” Maar net dat onbegrip wakkerde het gevoel alleen te zijn aan.’

‘De frustraties verwerk ik door met de hond te gaan wandelen. Ik kan ook wel eens hysterisch worden, dat lucht dan op. En ik ging ook een tijdje naar een psycholoog. Maar het meeste deugd doet het als iemand luistert en bevestigt dat het geen kwaad kan om eens in de put te zitten en je hoofd te laten hangen.’

Jouw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Lees meer verhalen in het magazine Leven

Veel van onze verhalen zijn ook verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. Abonneer je om geen enkel verhaal te missen!