Immunotherapie bij slokdarmkanker

Patiënten met slokdarmkanker die voor de operatie een combinatie van radio- en chemotherapie kregen en bij wie nog tumor wordt gevonden in het stuk slokdarm dat verwijderd werd, krijgen na de operatie een aanvullende behandeling aangeboden met immunotherapie (ook immuuntherapie genoemd). Bij patiënten die uitzaaiingen hebben, wordt chemotherapie in bepaalde gevallen gecombineerd met immunotherapie.

Immuuntherapie is een behandeling met medicijnen die onze natuurlijke afweer of immuniteit stimuleren om de kankercellen aan te vallen en op te ruimen. Er bestaan verschillende vormen van immunotherapie. Voor slokdarmkanker wordt op dit ogenblik gebruikgemaakt van nivolumab (merknaam Opdivo).

Bijwerkingen

Of en hoeveel bijwerkingen er optreden, hangt af van de soort immunotherapie en verschilt per persoon. Soms zijn er geen of weinig bijwerkingen, soms is er een plaatselijke bijwerking of zijn er bijwerkingen door het hele lichaam. Treden er bijwerkingen op, dan heeft dat te maken met het overmatig werken van het immuunsysteem. Dat kan leiden tot bijvoorbeeld huidafwijkingen, diarree, kortademigheid, gewrichtspijnen en extreme vermoeidheid. Het is belangrijk dat u alle mogelijke bijwerkingen meteen aan uw arts signaleert. Over het algemeen zijn ze goed te behandelen als ze tijdig worden herkend. Bespreek uw klachten met uw behandelend arts die u raad kan geven hoe u er het best mee omgaat. Soms zal de arts een ander medicijn voorschrijven tegen de bijwerkingen. Als u last hebt van ernstige bijwerkingen, kan het ook gebeuren dat uw arts de immunotherapie stopzet.

Meer info