De chirurgische ingrepen voor eierstokkanker zijn complex en vragen een specifieke kennis van het behandelend team. Ze worden een ‘debulking’ genoemd. Je overlevingskansen zijn aanzienlijk beter in een ervaren ziekenhuis. Het is aan te raden om een ziekenhuis en een chirurg te vinden die veel ervaring hebben met die operaties. Vraag de chirurg of de behandelend arts hoe vaak de ingreep in je ziekenhuis gebeurt.
Bij eierstokkanker verwijdert de gynaecoloog de hele baarmoeder, de twee eierstokken, de eileiders en de grote inwendige vetschort. Soms moet die ook de lymfeklieren in het bekken en langs de grote slagader weghalen. Als de ziekte al in de hele buikholte zit, neemt de gynaecoloog daar zoveel mogelijk tumorweefsel weg. Is de tumor doorgegroeid naar de darmen? Dan kan de gynaecoloog het nodig vinden ook een deel van de darmen weg te nemen. Vaak moet ook het buikvlies en soms een stuk van het middenrif verwijderd worden. Af en toe moet ook de milt weggenomen worden.
Als de ziekte in het beginstadium is en de patiënte graag nog kinderen wil, bekijkt de gynaecoloog of de operatie beperkt kan worden tot het weghalen van één eierstok, één eileider en de grote inwendige vetschort.