Maar al is het zeldzaam, ook bij mannen kan een kwaadaardige tumor in de borst woekeren. Ze hebben weinig borstweefsel maar ook tepels en een kleine hoeveelheid melkklieren en melkkanalen. Voor elke honderd vrouwen met borstkanker in België is er één man die erdoor wordt getroffen. En je moet dan maar, zoals Henk, de uitzondering op de regel zijn. In de brochure die hij kreeg om zich voor te bereiden op de operatie stonden nuttige tips die hem de gordijnen in joegen. ‘Ik moest mijn nagellak en make-up voor de ingreep verwijderen en zou bij het verlaten van het ziekenhuis een prothese krijgen om in mijn beha te steken.’ Henk moest even naar adem happen maar las moedig verder. ‘De behandeling met tamoxifen (merknaam Nolvadex, een antihormonale behandeling, red.) nadien zou voor opvliegers zorgen en mogelijke veranderingen in het baarmoederslijmvlies. Dat was duidelijk, maar in mijn geval beslist niet van toepassing. Ik zocht verder in de tekst wat een effect dat goedje op mij zou hebben. Maar over mannen die net zo goed dat geneesmiddel voorgeschreven krijgen, geen woord.’
Ziek zijn is erg, niet erkend worden als patiënt maakt het nog erger. Als gepensioneerd professor in de pedagogiek wist Henk wat hem te doen stond. Na zijn herstel richtte hij met vier anderen de lotgenotengroep BorstkankerMAN op en zorgde er mee voor dat mannelijke borstkankerpatiënten voortaan in de brochures wél een eigen paragraaf krijgen.