Over hoopvolle evoluties in de kankerzorg

Kanker is almaar minder een kwestie van leven en dood
dokter Liesbet Van Eycken, directeur Stichting Kankerregister
Uit Leven, editie 63, juli 2014

‘Ik ben altijd al gefascineerd geweest door cijfers’, vertelt dokter Liesbet Van Eycken, directeur bij de Stichting Kankerregister. Als radiotherapeut-oncoloog maakte ze in 2001 de overstap van de klinische praktijk naar de kankerregistratie. ‘Gegevens verzamelen, evoluties bestuderen, mogelijke hypotheses aandragen en zo het wetenschappelijk onderzoek bevorderen, dat vind ik ongemeen boeiend.’ Voor Leven zet ze de belangrijkste evoluties in de kankerzorg van de laatste 50 jaar op een rij.

Auteur: Carla Rosseels - Fotograaf: Leo De Bock

Wat zijn de belangrijkste evoluties als u 50 jaar terugkijkt in de tijd?

Liesbet Van Eyken, foto Leo De Bock

Liesbet Van Eycken: 'Het eerste wat opvalt, is dat er 50 jaar geleden nog een zeer ruwe diagnose werd gesteld. In die tijd had men het dikwijls over kanker tout court. Als je vandaag een doktersverslag leest dan zie je meteen dat die diagnose ondertussen veel preciezer en verfijnder is. Het sleutelwoord bij die vooruitgang is wetenschappelijk onderzoek. De anatomopathologie — het bekijken en analyseren van weefsels of vocht onder de microscoop — heeft bijvoorbeeld een ongelofelijke bijdrage geleverd aan de evolutie van de laatste 50 jaar. Dat levert nieuwe inzichten op die het mogelijk maken een bepaald soort kanker verder onder te verdelen in verschillende types, wat bijdraagt tot een betere behandeling en overleving. Ook de evolutie van de beeldvormingstechnieken is betekenisvol. Dankzij nieuwe technieken kunnen kankers sneller, nauwkeuriger en makkelijker opgespoord worden. En een vroegtijdige diagnose levert betere kansen op genezing en herstel.'

Ook de manier van behandelen is intussen geëvolueerd.

Voor de meeste kankers is er de laatste 50 jaar een spectaculaire vooruitgang geboekt.

'Inderdaad. Radiotherapie maakt vandaag gebruik van hightechtoestellen die een tumor heel doelgericht kunnen bestralen en de omliggende weefsels in grote mate kunnen sparen. Ook chirurgie heeft een hele verandering ondergaan, technieken zijn verfijnd, apparatuur is uitgebreid en daar waar mogelijk, is men beginnen te kiezen voor een minder radicale aanpak. Er wordt nu gezocht naar de optimale manier van behandelen. Bij endeldarmkanker bijvoorbeeld kan men in sommige gevallen de sluitspier sparen wat voor de patiënt een enorm verschil maakt omdat hij dan geen stoma hoeft. Waar bij borstkanker vroeger bijna altijd de okselklieren werden verwijderd — met mogelijk lymfoedeem, een verminderde schouderbeweeglijkheid en een dikke arm tot gevolg — gebruikt men nu vaak de 'schildwachtklierprocedure'. Men neemt daarbij de eerste klier weg die eventueel aangetast zou kunnen zijn en als deze niet aangetast blijkt, past men geen okselklieruitruiming meer toe. Dat zijn geavanceerde procedures die een ongelofelijk verschil maken in de levenskwaliteit van de patiënt.'

Wat met chemotherapie?

'Gaandeweg zijn er meer producten ontwikkeld en is men verschillende soorten chemotherapie beginnen combineren omdat men een betere kijk kreeg op de factoren die de groei van een tumor beïnvloeden of kunnen tegenhouden. De meest recente evolutie is de moleculaire therapie, die zeer doelgericht inwerkt op moleculen die de tumor beïnvloeden (groei of afremming van de groei) en dit leidt tot een meer individuele en op maat gemaakte behandeling.'

Hoe vertaalt deze verfijning op het vlak van diagnose en behandelingsmethoden zich in de overlevingscijfers?

Liesbet Van Eycken, foto Leo De Bock

'Wat België betreft kunnen we op dat vlak geen 50 jaar teruggaan in de tijd. We zijn in 2005 gestart als nationaal kankerregister en Vlaanderen heeft cijfers die teruggaan tot 1999, dat is maar vijftien jaar. Andere landen hebben soms wel kankerregisters die een eind verder teruggaan in de tijd. De Finnen bijvoorbeeld registreren al cijfers sinds 1964, vijftig jaar geleden dus.

Wanneer we over overlevingscijfers spreken, gebruiken we het begrip "vijfjaarsoverleving". Daarbij rekenen we de overlevingskansen uit vijf jaar na de ontdekking van de tumor. In de volgende voorbeelden vergelijk ik de Finse cijfers uit de periode 1964-1968 met de cijfers uit 2010. Die vergelijking leert ons dat er voor de meeste kankers een spectaculaire vooruitgang is geboekt. De vijfjaarsoverleving bij prostaatkanker is in die periode in Finland gestegen van 42 % naar 97 %, bij teelbalkanker van 50 % naar 95 %, bij endeldarmkanker van 25 % naar 70 % (mannen) en van 31 % naar 73 % procent (vrouwen), bij borstkanker van 50 % naar 92 %. Dat zijn grote sprongen. Voor alle kankers samen zijn we wat vijfjaarsoverleving betreft geëvolueerd van 18 % naar 68 % bij mannen en van 30 % naar 70 % bij vrouwen.

Voor kinderkanker beschikken we wel over Vlaamse cijfers die 50 jaar teruggaan in de tijd. Lymfatische leukemie bij kinderen bijvoorbeeld leverde 50 jaar geleden een vijfjaarsoverleving van minder dan 10 % op, terwijl we nu aan 87 % zitten.

Aan de hand van de meer recente Vlaamse cijfers voor andere kankers kunnen we nagaan welke vooruitgang er de laatste jaren is geboekt. Ik vergelijk de periode 1999-2003 met de periode 2004-2010. Op het vlak van prostaatkanker zijn we geëvolueerd van 91 % naar 95 %, bij endeldarmkanker van 62 % naar 66 % (mannen) en van 61 % naar 66 % (vrouwen), bij borstkanker van 85 % naar 88 %. De grootste vooruitgang hebben we in deze jaren geboekt bij leukemie (+8 %), melanomen (+6,5 %) en dikkedarmkanker (+5 %). Algemeen kan je dus stellen dat we blijven vooruitgaan maar dat de sprongen minder groot geworden zijn.'

Zijn er ook kankers waarbij minder spectaculair vooruitgang is geboekt?

Kankers waarbij minder spectaculair vooruitgang is geboekt, zijn gelukkig in de minderheid.

'Ja, die zijn er ook, al zijn ze gelukkig in de minderheid. De vijfjaarsoverleving van longkanker bijvoorbeeld evolueert in Finland tussen 1964 en 2010 van 6 % naar 14 %, in Vlaanderen is er de afgelopen jaren wat longkanker betreft slechts een halve procent vooruitgang geboekt. Ook bij de pancreas, de eierstokken, de nieren en de hersenen is de vooruitgang niet zo spectaculair. Soms heeft dat te maken met het feit dat de tumor zich agressief gedraagt omdat hij pas laattijdig wordt ontdekt. In zo'n geval wordt er ingezet op wetenschappelijk onderzoek om na te gaan of we vooruitgang zouden kunnen boeken met screening van groepen met een hoog risico. Je kan er bijvoorbeeld voor kiezen om bij mensen die een hoog risico lopen op longkanker geregeld een scan uit te voeren om de tumor in een vroegtijdig stadium te ontdekken.'

Wat leert u nog uit die cijfers?

Liesbet Van Eyken, foto Leo De Bock

'De spectaculaire sprongen zijn ondertussen gemaakt, maar we kunnen nog vooruitgang blijven boeken dankzij een goede screening en vaccinatie. België was niet bij de allereerste landen die actief screenden maar ondertussen raken de opsporing van borst-, baarmoederhals- en dikkedarmkanker toch ingeburgerd. Recent is daar de hpv-vaccinatie (humaan papillomavirus) van jonge meisjes bijgekomen. Het indijken van de risico's moet een belangrijk actiepunt blijven.

Een aantal decennia geleden was kanker vaak een kwestie van leven of dood. Alle aandacht ging naar overleving. Vandaag is er dankzij de vroegere opsporing, de verfijnde diagnose en de gerichtere behandeling veel meer ruimte om ook aandacht te besteden aan de kwaliteit van de zorg en de levenskwaliteit van de patiënt. Vooral de laatste jaren is op dat vlak een enorme weg afgelegd. Kanker wordt steeds vaker een chronische ziekte, dus worden deze aspecten veel belangrijker: er is veel meer aandacht voor nevenwerkingen en voor negatieve effecten op lange termijn. Vandaag werkt men meer patiëntgericht en heeft de patiënt ook een stem. De patiënt beslist mee over zijn behandeling: bij prostaatkanker bijvoorbeeld heeft men tegenwoordig zo'n goed inzicht in de manier waarop een bepaald type tumor evolueert dat men kan overwegen om af te wachten en niets te doen wanneer het om een niet-agressieve soort gaat, waardoor je mogelijke neveneffecten als incontinentie en impotentie vermijdt.'

Waar gaan we naartoe in de toekomst?

'Uiteraard wordt er druk verder gewerkt aan nieuwe technologieën. Protontherapie is bijvoorbeeld zo'n zeer recente evolutie, die bestraling door middel van protonen nog gerichter maakt in de buurt van delicate lichaamsdelen zoals een oogzenuw, het ruggenmerg of bepaalde delen van de hersenen. De algemene tendens op het vlak van behandeling zal sowieso een meer individuele, doelgerichte behandeling op maat zijn.

Verder is het duidelijk dat we sterk moeten blijven inzetten op wetenschappelijk onderzoek, evaluatie van de kwaliteit van de zorg en het transparant communiceren hierover met de patiënten. Een multidisciplinaire aanpak, niet alleen binnen het ziekenhuis maar ook tussen ziekenhuizen onderling, is een must om de bestaande expertise en kennis optimaal in te zetten voor de patiënten. Vroeger droeg een enkele arts alle verantwoordelijkheid. Vandaag is er een heel team dat mee kijkt, denkt, analyseert en bijstuurt. Dat levert betere resultaten op en draagt enorm bij tot de kwaliteit van de zorg. Een goede registratie van de gegevens en de bijdrage die dat kan leveren aan onderzoek, beleidswerk en medische zorg is daarin cruciaal, want meten is weten.'

 

Uw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Wat doet de Stichting Kankerregister?

Logo Stichting Kankerregister

De Stichting Kankerregister verzamelt gegevens over alle nieuwe kankerdiagnoses in België en de follow-up ervan. Op basis van die informatie brengt zij de aard en de omvang van kanker in België in kaart. Die informatie wordt verwerkt in statistieken per kankertype, geslacht, leeftijdscategorie en regio. Daarnaast verzamelt de Stichting Kankerregister ook alle anatomopathologische testresultaten (onderzoek van weefsel of vocht) in het kader van de vroegtijdige opsporing van bepaalde kankers zoals baarmoederhals-, borst- en dikkedarmkanker. De verzamelde gegevens worden gebundeld in publicaties of zijn te vinden op de website. Deze cijfergegevens zijn nuttig voor de overheid, artsen, onderzoekers en belangenorganisaties.

Leven

Dit artikel is verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. U kunt hier alle verhalen uit het magazine lezen.