Werk(hervatting) en kanker: De betrokken zorgverleners

Hieronder vindt u een overzicht van alle juridische informatie over de zorgverleners met wie (ex-)kankerpatiënten te maken kunnen krijgen in het kader van hun werk(hervatting). De wetgeving rond werkhervatting kan complex en onoverzichtelijk zijn, en is vaak in zeer ontoegankelijke taal geschreven. Onze antwoorden moeten u in staat stellen toch de juiste informatie te vinden. Bekijk het volledige overzicht van vragen.

De onderstaande vragen (en antwoorden) zijn beperkt tot het werknemersstatuut. De arbeidsongeschikte zelfstandige en de arbeidsongeschikte die werkt in statutair verband of werk verricht op een andere grond dan de arbeidsovereenkomst, komen hier voorlopig niet aan bod.

Wat is de rol van de huisarts en specialist?

Bij kanker is het doorgaans een specialist die u behandelt voor uw ziekte, of een team van specialisten. Als uw huisarts uw persoonlijk dossier mee opvolgt, wordt hij mee beschouwd als behandelend arts.

Informeer bij uw specialist over de gevolgen die de diagnose kanker en de behandeling (type behandeling, duur behandeling en herstel) op korte of lange termijn kunnen hebben voor uw werk. Doe dit zo vroeg mogelijk.

De specialist en de huisarts kunnen op uw verzoek met andere artsen, zoals de adviserend arts van het ziekenfonds, over uw gezondheidstoestand overleggen.

Ook om uw re-integratiemogelijkheden bij arbeidsongeschiktheid te bepalen, kan er overleg plaatsvinden tussen uw behandelend arts, de adviserend arts van het ziekenfonds en uw eventuele preventieadviseur-arbeidsarts.

De huisarts of specialist kan ook met uw toestemming het initiatief nemen om een re-integratietraject op te starten.
 

Wat is de rol van de adviserend arts van het ziekenfonds?

De adviserend arts van het ziekenfonds treedt op namens het RIZIV. Hij heeft o.a. als opdracht het beoordelen en nagaan of iemand recht heeft op een ziekte-uitkering van het RIZIV. Zodra iemand een ziekte-uitkering van het RIZIV ontvangt, kan de adviserend arts dus tussenkomen. Normaal gezien nodigt hij u na verloop van tijd schriftelijk uit om u te melden op zijn kantoor voor een controle.

Binnen de twee maanden na aangifte van de arbeidsongeschiktheid zal de adviserend arts daarnaast nagaan of een arbeidsongeschikte in aanmerking komt voor re-integratie. Hij zal zich hiervoor veelal baseren op de vragenlijst die de arbeidsongeschikte in de tweede maand van zijn arbeidsongeschiktheid ontvangt van het ziekenfonds. Deze vragenlijst peilt naar de dieperliggende oorzaken van de arbeidsongeschiktheid, naar hoe de betrokkene zijn kansen op werkhervatting inschat en hoe die werkhervatting kan worden vergemakkelijkt.

Wordt u door uw behandelend arts en/of de preventieadviseur-arbeidsarts arbeidsongeschikt verklaard, dan kan de adviserend arts dit bevestigen, maar het is ook mogelijk dat hij beslist dat u toch geschikt bent om te werken. In dat geval kunt u worden uitgesloten van het recht op een uitkering, maar als uw behandelend arts en/of de preventieadviseur-arbeidsarts u nog steeds arbeidsongeschikt verklaren, dan krijgt u (onder bepaalde voorwaarden) uitkeringen van tijdelijke werkloosheid op grond van overmacht.

De adviserend arts heeft niet enkel een evaluerende maar ook een adviserende functie. Hij kan u bijvoorbeeld aanraden (en u meteen toestemming geven) uw werk progressief te hervatten of een herscholing te volgen waardoor u een andere job zou kunnen uitoefenen. U kunt uw adviserend arts ook altijd op eigen initiatief contacteren voor advies.

Zoals hierboven aangegeven, speelt de adviserend arts ook in het kader van het re-integratietraject van arbeidsongeschikten een belangrijke rol. Drie maanden na het begin van uw arbeidsongeschiktheid (ten laatste twee maanden na de aangifte) zal de adviserend arts een eerste inschatting maken van uw mogelijkheden om (weer) te gaan werken. Daarna neemt de preventieadviseur-arbeidsarts het voortouw (bij werknemers) of de adviserend arts (bij werklozen). Lees hier meer over de re-integratie van langdurig arbeidsongeschikten

Wanneer u bijna één jaar arbeidsongeschikt bent, zal de adviserend arts een voorstel opmaken om uw arbeidsongeschiktheid voor een bepaalde periode te verlengen. De Geneeskundige Raad voor Invaliditeit (GRI) van het RIZIV beslist op basis van dit voorstel of u al dan niet verder erkend blijft. Is dit zo, dan gaat u na één jaar "primaire arbeidsongeschiktheid" over naar de regeling van "invaliditeit". Vanaf dan is het niet enkel de adviserend arts die u blijft opvolgen. U kunt ook door de GRI opgeroepen worden voor een gesprek en voor onderzoek bij drie artsen, onder wie een RIZIV-inspecteur. Deze commissie beslist of u arbeidsongeschikt blijft en voor welke periode. U kunt tegen deze beslissing in beroep gaan bij de arbeidsrechtbank, binnen de drie maanden na de beslissing.

De adviserend arts kan op elk ogenblik uw arbeidsongeschiktheid of invaliditeit beëindigen en u vragen het werk te hervatten.

Wat is de rol van de controlearts?

Een controlearts is een door de werkgever betaalde arts die controleert of u wel degelijk arbeidsongeschikt bent. Het is eigenlijk een arts die ingezet wordt om fraude tegen te gaan in het kader van de loonwaarborgregeling (loon dat men ontvangt van de werkgever tijdens ziekte).

De controlearts mag u zelfs thuis onaangekondigd komen bezoeken voor een controle, en dit gedurende de hele periode van arbeidsongeschiktheid. De controle mag gebeuren vanaf de eerste dag van uw  arbeidsongeschiktheid.

Sinds de wet tot invoering van het eenheidsstatuut van 26 december 2013 kan in een toepasselijke cao of in een arbeidsreglement een specifieke controlemaatregel uitgewerkt worden. Daarin kan bepaald worden dat de zieke werknemer zich in z'n woonplaats (of in een meegedeelde andere verblijfplaats) gedurende maximaal vier aaneengesloten uren (tussen 7u en 20u) ter beschikking moet houden van de controlearts.

De controlearts stelt vast of u werkelijk arbeidsongeschikt bent of niet en verifieert de waarschijnlijke duur van uw arbeidsongeschiktheid. Daarnaast kan hij ook de oorzaak van de ongeschiktheid nagaan (bv. beroepsziekte), vaststellen of er met de ongeschiktheid onverenigbare activiteiten zouden worden uitgevoerd en of zijn onderzoek eventueel wordt bemoeilijkt of geweigerd. Alle andere vaststellingen van de controlearts vallen onder het medisch beroepsgeheim. Zo mag hij uw werkgever niet meedelen aan welke aandoening u lijdt of hoe die zal evolueren.

Wanneer u zich, behalve met een wettige reden zoals hospitalisatie of doktersbezoek, aan de controle onttrekt, dan kunt u uw recht op gewaarborgd loon verliezen voor de ongeschiktheidsdagen voorafgaand aan de dag van controle.

Wanneer u (of uw  behandelend arts) niet akkoord gaat met de beslissing van de controlearts, dan kunt u  hiertegen beroep aantekenen bij de arbeidsrechtbank of een scheidsrechterlijke procedure opstarten.

Wat is de rol van de preventieadviseur-arbeidsarts?

Tijdens de aanwervingsfase

Het is mogelijk dat u ondanks uw ziekte op zoek gaat naar een (andere) baan. In bepaalde gevallen kunt u als sollicitant (dus voordat de arbeidsovereenkomst gesloten wordt) onderworpen worden aan een medisch onderzoek door de preventieadviseur-arbeidsarts.

Een gezondheidsbeoordeling of een preventief gezondheidstoezicht is verplicht voor werknemers die een post bekleden die de veiligheid van andere werknemers in gevaar kan brengen (bijv. besturen van voertuigen), een functie met verhoogde waakzaamheid uitvoeren (bijv. aan een productieketen), blootgesteld zijn aan een welbepaald risico (bijv. biologische, chemische en fysische agentia), of rechtstreeks in contact komen met levensmiddelen of etenswaren.

Na de gezondheidsbeoordeling zal de preventieadviseur-arbeidsarts beslissen of u al dan niet medisch geschikt bent voor het uitoefenen van de functie. Hierbij is het mogelijk dat hij u tijdelijk ongeschikt acht of dat hij meent dat u slechts geschikt bent indien u een aantal voorwaarden naleeft.

Bent u het niet eens met de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsarts, dan kunt u een klacht formuleren of in beroep gaan. Denk er hierbij echter aan dat de preventieadviseur-arbeidsarts niet alleen de (toekomstige) werksituatie goed kan inschatten, maar dat hij er in de eerste plaats is om werknemers te beschermen.

Tijdens de tewerkstelling

Tijdens de tewerkstelling kunt u de preventieadviseur-arbeidsarts, die de taak heeft werknemers te beschermen tegen gezondheidsrisico's, altijd raadplegen als u denkt dat uw gezondheid lijdt onder de werkomstandigheden of als u nood hebt aan psychosociale ondersteuning.

De preventieadviseur-arbeidsarts onderzoekt of een re-integratietraject mogelijk is bij langdurige ziekte. Dat betekent dat hij bekijkt of de zieke werknemer kan terugkeren naar het werk, dankzij aangepast werk, ander werk, een opleiding enz. De preventieadviseur-arbeidsarts doet dat in nauwe samenwerking met de betrokken werknemer, de adviserend arts van het ziekenfonds, de behandelend arts en de arbeidsarts. Lees hier meer over de re-integratie van langdurig arbeidsongeschikten.

Als u arbeidsongeschikt bent, is het eveneens altijd mogelijk een spontane raadpleging of een bezoek vóór de werkhervatting te vragen bij de preventieadviseur-arbeidsarts. De raadpleging is trouwens verplicht wanneer u tewerkgesteld bent in een functie waarvoor een preventief onderzoek verplicht is. De preventieadviseur-arbeidsarts brengt de werkgever van de spontane raadpleging of het bezoek vóór de werkhervatting op de hoogte op voorwaarde dat de werknemer hiermee akkoord gaat. Indien de werknemer hiermee akkoord gaat, kan de preventieadviseur-arbeidsarts ook overleg plegen met de behandelend arts en/of de adviserend arts in het kader van een onderzoek bij werkhervatting of voor een bezoek voorafgaand aan de werkhervatting.

Daarnaast is het ook mogelijk dat uw ziekte gekwalificeerd moet worden als een beroepsziekte. M.a.w. de ziekte houdt verband met het uitoefenen van een bepaalde professionele activiteit in bepaalde arbeidsomstandigheden. Het is dan niet alleen de taak van de preventieadviseur-arbeidsarts om beroepsziekten zo snel mogelijk op te sporen; hij moet ook gepaste stappen zetten om verdere schade aan de gezondheid te vermijden en te beperken (bijv. wijzigingen aan het arbeidsproces of aan de werkpost, wijziging van functie ...).