Als vader of moeder wilt u uw kinderen graag een warm en veilig nest bieden om op te groeien. Maar als u ziek wordt, staat u plotseling voor een moeilijke opgave: u wilt uw kinderen geborgenheid geven, maar tegelijkertijd moeten u en uw gezin leven met de twijfels, de angsten en de onzekerheid die kanker met zich meebrengt.

Omhelzing moeder en zoon

Kanker kan mensen overrompelen en uit hun lood slaan. Het is al niet eenvoudig om dit slechte nieuws zelf te verwerken, laat staan dat u het gemakkelijk vindt om uw kinderen in deze situatie goed op te vangen. Wat moet u zeggen? Hoe moet u het zeggen? Moet u wel iets zeggen? Is het niet beter om uw kinderen al die ellende te besparen?

Pasklare antwoorden op al deze vragen bestaan niet. Het ene gezin is het andere niet. Elk gezin heeft andere gewoontes en andere opvattingen over opvoeding en verantwoordelijkheid. Die bepalen hoe mensen omgaan met de gewone en de buitengewone zaken waar een gezin mee te maken krijgt. Kanker is één van die buitengewone zaken die het leven in een gezin overhoop halen. Alleen u zelf kunt bepalen wat de meest geschikte aanpak is voor uw gezin.

Toch durven we zeggen dat het belangrijk is om uw kinderen mee op weg te nemen in het proces dat u doormaakt wanneer u met kanker wordt geconfronteerd. Het is goed om over uw ziekte te praten en uw kinderen erbij te betrekken. Kinderen hebben het recht om te weten wat er met hun ouders aan de hand is. Kanker zet ook hun wereld op zijn kop. Ze krijgen te maken met dokters, ziekenhuizen, operaties, een afwezige ouder, een ouder die niet beschikbaar is voor hen, een veranderd rolpatroon in het gezin, enzovoort. Om dat allemaal goed te kunnen verwerken en zelf emotioneel niet onderuit te gaan, hebben kinderen informatie nodig, aangepast aan hun niveau. 

Kortom:

  • Pasklare antwoorden bestaan niet. Alleen u kunt bepalen wat de meest geschikte aanpak is voor uw gezin.
  • Het is goed om kinderen te vertellen wat er aan de hand is en hen bij uw ziek-zijn te betrekken.

Beknopt overzicht groei- en ontwikkelingsfasen bij kinderen

Baby, eerste levensjaar

  • een baby heeft behoefte aan regelmaat en voorspelbaarheid: herkenbare, liefhebbende ouders die voorzien in z'n behoefte aan eten, kleren, bescherming en liefde; zo groeit z'n zelfvertrouwen 
  • een baby neemt vooral informatie op via de zintuigen (smaak, gehoor, zicht, tastzin, reukzin)

van 1 tot 3 jaar

  • een peuter wordt zelfstandiger
  • het ik-gevoel ontwikkelt zich
  • koppige fase
  • aanmoediging is belangrijk voor de vorming van zijn zelfverzekerdheid
  • een peuter heeft nog geen tijdsbesef
  • een peuter oordeelt aan de hand van wat hij ziet

van 3 tot 5 jaar

  • kleuters kunnen ‘magisch denken’. Dat is denken dat wat je denkt of wenst ook uitkomt, waardoor ze zichzelf ervaren als middelpunt van de wereld 
  • het kind gebruikt spel en fantasie om met angst om te gaan 
  • ze oordelen nog steeds op basis van wat ze waarnemen 
  • het kind heeft hulp nodig om realiteit en fantasie van mekaar te kunnen onderscheiden

van 5 tot 12 jaar

  • vriendschappen buiten het gezin ontwikkelen zich
  • ze leren door te experimenteren
  • het tijdsbesef ontwikkelt zich

13 jaar en ouder

  • pubers zijn op zoek naar hun eigen identiteit
  • ze maken zich los van het gezin
  • hun reacties kunnen onvoorspelbaar zijn en wisselend 
  • leeftijdsgenoten zijn erg belangrijk
  • ze willen zelf kunnen kiezen, zelfstandig handelen
  • pubers gedragen zich soms als volwassenen maar kunnen die rol nog niet aan