Seksualiteit na kanker

Vrijen is nu weer puur plezier
Annemarie
Uit Leven, editie 72, oktober 2016

Het heerlijke aan vrijen is dat je alles even los kan laten, je verstand op nul zetten en genieten. Alleen, als kanker inbeukte op je lichaam of op dat van je partner, dan ligt genieten niet voor de hand. Dan moet je dat stap voor stap opnieuw leren. In het boek ‘Liefde onder druk – Relaties in tijden van kanker’ laat journaliste Els Put patiënten en partners aan het woord over de impact van kanker in hun relatie. Leven brengt een fragment uit de verhalen van Annemarie en Marc.

Auteur: Els Put - Fotograaf: iStock

Annemarie (54) vertelt

Annemarie* ondergaat een zware behandeling voor darmkanker en krijgt een definitieve stoma. Al die tijd staat haar man paraat om haar te helpen: hun relatie verinnigt. Door de behandeling en de stoma schaamt Annemarie zich voor haar lichaam. Haar man helpt haar om haar lichaam weer te aanvaarden: nu geniet ze weer even intens van vrijen als vroeger. 

‘Hij was zo bang dat hij me kwijt zou raken; ik ben een hele tijd flink ziek geweest. Het is zo’n lieve man, mijn Paul. Een schat van een vent. Hij heeft me dag na dag verzorgd, me elke dag naar het ziekenhuis gereden voor de chemo, de bestraling en de operatie, me laten praten en me het vertrouwen gegeven dat het wel goed zou komen. “Bolleke, ik zie u graag,” zei hij dan, al is hij niet zo’n prater en laat hij zijn gevoelens niet snel zien. ’s Avonds zat hij op de rand van mijn bed of kwam hij even bij me liggen. Mijn bed stond in de woonkamer voor het raam want ik kon de trap niet op. Op een avond kwam hij, voor hij ging slapen, bij mij op mijn bed zitten en legde hij zijn hand op mijn buik, toevallig op het zakje van de stoma. Ik nam zijn hand en legde ze wat verder. “Waarom?”, vroeg hij . “Dit is nu toch ook een stukje van jou.”

Voor ik ziek werd hadden we het goed samen, mijn man en ik. Onze dochters waren het huis uit en we genoten van zondagen of weekendjes weg die we samen doorbrachten.'

In het begin had ik het erg moeilijk met intimiteit, ik voelde me verminkt. Hoe moest ik aantrekkelijk zijn voor mijn man?

'Zes jaar geleden viel ons leven in duigen. Ik had een tijdje last van aambeien maar ondanks alle medicatie en zalf die ik daarvoor gebruikte, werd de last voortdurend erger. Na drie maanden liep ik ’s nachts rond van de pijn. Toen ik me liet onderzoeken, was het verdict hard: een tumor van 5 centimeter dicht bij mijn aars. Er volgden drie weken met chemotherapie en zeven weken met uitwendige en tenslotte ook inwendige bestralingen. Uiteindelijk bleek het echter toch nodig mijn aars en endeldarm weg te halen. Mijn darm werd verbonden met een stoma, een darmopening op mijn buikwand. Met een stukje huid van mijn buik werd de regio rond mijn aars en vagina hersteld. De pijn was weg, maar ik voelde me verminkt door al wat ik kwijt was en door de stoma.

De weken in het ziekenhuis en de eerste maanden thuis verzorgden de verpleegkundigen mijn wonden en mijn stoma. ’s Nachts nam Paul die zorg over. Thuis in de badkamer was ik blij dat de spiegel niet groot genoeg was om mezelf helemaal te zien. Daardoor zag ik mijn stoma niet en dat vond ik prima. Een enkele keer keek ik naar mezelf in de spiegel in onze slaapkamer, maar dan draaide ik me snel om en liep de kamer weer uit.'

Na zes maanden dacht ik af en toe: voel ik nu toch iets? Kan dat? Ik dacht dat het zinsbegoocheling was, maar stilaan kreeg ik wat gevoel terug. Een blije ontdekking en een extra prikkel om het vrijen weer te proberen.

'Ik vond dat nieuwe beeld moeilijk, ook al vertelde Paul me keer op keer: “Je bent net dezelfde als vroeger. Je blijft wie je was. Ik zie je nog altijd even graag.”

Tijdens mijn ziekte werd de relatie tussen Paul en mij hechter. Elke avond kwam hij bij me op bed zitten. Of liggen. Om bij me te zijn, om te praten, om over onze dag te vertellen. Stilaan kreeg strelen weer een plaats, en knuffelen. We waren graag samen en – al heeft het een tijd geduurd bij mij – stilaan groeide het verlangen om te vrijen. Voor mij in de eerste plaats om Paul een plezier te doen, door alle behandelingen en de herstelperiode was het al meer dan een jaar geleden. In het begin had ik het er erg moeilijk mee, voelde ik me verminkt. Hoe moest ik aantrekkelijk zijn voor mijn man? Maar Paul heeft me daar overheen geholpen. Hij bleef zeggen dat hij me graag zag en dat het niet uitmaakte.'

Na de bestralingen en de hersteloperatie had ik geen huidgevoel meer in de streek van mijn aars en vulva. Na zes maanden dacht ik af en toe: voel ik nu toch iets? Kan dat? Ik dacht dat het zinsbegoocheling was, maar stilaan kreeg ik wat gevoel terug. Een blije ontdekking en een extra prikkel om het vrijen weer te proberen. In het begin was het zoeken en was ik bang dat het pijn zou doen, al viel dat best mee. Het is nu technisch wat anders dan vroeger, maar het is weer even bevrijdend. Het kan weer. We zijn opnieuw echt een koppel, helemaal! Vrijen is nu weer puur plezier.’

Marc (62) vertelt:

Na het verwijderen van de prostaat heeft Marc* last van urineverlies. Bekkenbodemspieroefeningen helpen hem om dat onder controle te krijgen, alleen lukt dat niet tijdens het vrijen. Zijn vrouw maakt daar geen punt van en samen nemen ze hun seksuele leven weer op.

Foto iStock

‘Ons samenzijn is iets evidents. Wij zijn onvoorwaardelijk samen. We beloofden elkaar 40 jaar geleden “in goede en in kwade dagen” trouw te blijven en dat doen we. We hebben problemen doorworsteld en we hebben als koppel moeilijke periodes gekend maar dat is wat het leven brengt. Mijn kankerdiagnose met alles wat daarbij gekomen is, heeft ons dichter bij elkaar gebracht. Het heeft ons “samengekit”, ons aan elkaar verlijmd. Liliane zorgt voor mij: ze weet dat ik het moeilijk heb met mijn urineverlies. Zij houdt mijn voorraad incontinentieverbandjes op peil want ik vind het vervelend om die zelf in de supermarkt te gaan zoeken. Ik gebruik de vrouwenverbandjes want die voor mannen zijn erg dik. Ook als we gaan fietsen, vraag ik haar: “Hou mij in het oog”. Of ik geen natte plekken in mijn broek krijg, bedoel ik dan want daar ben ik “als de duvel” zo bang voor.'

Mijn vrouw houdt mijn voorraad incontinentieverbandjes op peil want ik vind het vervelend om die zelf in de supermarkt te gaan zoeken.

'Ik wil het niet weten dat iemand ziet dat ik wat onvrijwillig urineverlies heb. Zij weet dat maar niemand anders. Ik praat er met niemand over. Ik wil dat niet, dat is iets van ons.”

Voor ik ziek werd, kende ik het woord “onvrijwillig urineverlies” en wist wat dat betekende. Ik kende de materialen die daarvoor gebruikt werden door mijn job in de farmaceutische sector. Maar toch besefte ik pas echt wat die term inhield toen ik na de operatie wakker werd en de blaaskatheter verwijderd was. Ik had mijn plas niet meer onder controle. Ik verloor continu urine. Die harde realiteit onthutste me volledig. Iets van de bezenuwing rond de prostaat was dus beschadigd door de operatie. Die eerste weken waren moeizaam. Ik bleef voortdurend dicht bij een toilet, al probeerde ik ook korte wandelingen buiten te maken. De arts trachtte me gerust te stellen: “Dat betert nog in de komende dagen en weken. En bekkenbodemoefeningen kunnen helpen.” Die probeerde ik eerst op mijn eentje maar veel vooruitgang maakte ik niet en ik stapte naar een kinesitherapeute die daarin gespecialiseerd is.'

Ik kan nog altijd opgewonden raken en een orgasme en een goede erectie krijgen. Het gaat niet altijd even vlot en ik laat me helpen met een pilletje, maar het vrijen heb ik dus wel weer kunnen opnemen.

'Het voelde onwennig om me daar aan te laten raken, maar de kinesitherapeute was spontaan en vlot en wist duidelijk waar ze mee bezig was zodat ik dat onwerkelijke en vervelende gevoel van me afschoof. Tijdens de oefeningen monitorde ze de kracht van de bekkenbodemspieren en zag ze dat ik vooruitgang maakte. Dat hielp en motiveerde me. Zelf merkte ik ook dat ik het urineverlies beter kon beheersen. Dat ik minder vaak druppels of plasjes urine verloor en steeds dunnere verbandjes kon gebruiken. Ik werd fanatiek in het uitvoeren van mijn oefeningen want ik wou mijn leven terug. Nu verlies ik nog slechts af en toe wat druppels urine: als ik van mijn fiets stap, als ik verkouden ben of onverwacht moet hoesten of iets zwaars til.

En er is nog een moment dat ik dat urineverlies niet onder controle heb. Als we vrijen. Dan verlies ik druppeltjes urine. Dat vind ik erg vervelend en probeer ik zoveel mogelijk te voorkomen door vooraf weinig te drinken en goed uit te plassen, maar dan nog. Liliane weet dat en maakt er geen punt van. We hebben steeds doekjes bij de hand om het op te vangen. En wat ben ik blij dat vrijen nog kan!

Voor de operatie zat ik er erg mee in. Wat als een orgasme niet meer zou kunnen, hoeveel man zou ik dan nog zijn?

'Vóór de operatie wist ik al dat ik door het verwijderen van de prostaat niet meer zou kunnen ejaculeren. Maar wat zou ik nog wel kunnen? Ik wist het niet en de eerste weken na de operatie stond mijn hoofd er niet naar. Maar stilaan merkte ik dat ik spontaan erecties kreeg en ik ging experimenteren om te zien wat nog kon. En het kan nog: ik kan nog altijd opgewonden raken en een orgasme en een goede erectie krijgen. Het gaat niet altijd even vlot en ik laat me helpen met een pilletje, maar het vrijen heb ik dus wel opnieuw kunnen opnemen. De arts vraagt er bij elke controle naar en ik ben steeds blij dat ik kan zeggen dat ik seksueel actief ben. En dat ik ervan geniet! Dat is een hele opluchting.'

'Voor de operatie zat ik er erg mee in. Wat als dat niet meer zou kunnen, vroeg ik me af. Hoeveel man zou ik dan nog zijn? Hoe kan je leven zonder orgasmes? Mis je dat dan? Ik wist: ik moet hoe dan ook verder. Maar ik zou niet geweten hebben hoe. Het is voor mijn gevoel van man zijn heel belangrijk dat ik tot een seksueel hoogtepunt kan komen.’

 

  • Marc en Annemarie zijn niet hun echte namen.
  • Uw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Boek

Deze verhalen komen uit het boek Liefde onder druk. Relaties in tijden van kanker van Els Put, uitgeverij Van Halewyck, 2016, € 19,95.

Nood aan een gesprek?

Bel de Kankerlijn:

  • 800 35 445 (elke werkdag 9-12u en 13-17u)
  • mail kankerlijn@komoptegenkanker.be
  • of stel hier uw vraag

Lotgenotencontact:

  • kijk in de agenda of er een praatcafé of een thema-avond van een lotgenotengroep plaatsvindt in uw regio
  • hier vindt u de lijst van alle lotgenotengroepen per type kanker. Contacteer hen voor een persoonlijk gesprek

Zorgverleners:

  • Seksuele problemen na kanker? Neem contact met een psycholoog, een relatietherapeut of een seksuoloog. Vraag uw arts om contactgegevens of neem kijk op www.vind-een-psycholoog.be

Opnieuw vrijen na kanker

In de periode van diagnose en behandeling, wanneer angst en verdriet overheersen, staat vrijen vaak niet op het programma van een koppel. Na chirurgie en radiotherapie moeten wonden eerst helen, tijdens chemotherapie zijn veel patiënten te ziek of te moe en ook antihormoontherapie dooft het verlangen naar vrijen. Maar wanneer u als patiënt uw energie voelt terugkomen, kan uw hart daar weer naar uitgaan. Opnieuw willen vrijen is dan een signaal: ‘Ik ben er weer.’ Een eerste keer weer vrijen na kanker, is spannend, net zoals die allereerste keer, want opnieuw vraagt u zich af: ‘Hoe zal het zijn?’, nu waarschijnlijk met een wat angstiger ondertoon. Uw lichaam onderging immers een zware behandeling die sporen naliet. Na chemotherapie kan het gevoel in uw vingers anders zijn, uw vingers zijn uw instrumenten om te voelen. Na een borstamputatie of na het plaatsen van een stoma kunt u het moeilijk hebben met dat andere gelittekende lichaam en u daardoor geremd voelen om u over te geven aan het genieten van vrijen. Bij een operatie in de genitale regio zoals bij prostaatkanker, kunnen zenuwen beschadigd zijn zodat seksueel functioneren moeilijker gaat of niet meer kan. Zenuwbanen kunnen zich herstellen na verloop van tijd maar doen dat soms niet volledig.

Als patiënt moet u een drempel over. Een lichaam met littekens, een kaal hoofd, sterk vermagerd of verzwaard… al die dingen maken dat u zich niet goed in uw vel voelt en dat u zich niet kunt voorstellen dat u aantrekkelijk bent voor uw partner. Ook uw partner moet een drempel over: tijdens de periode van de behandeling stapt hij vaak in de zorgende rol en heeft hij het lichaam van zijn partner op een andere manier leren kennen wanneer hij bijvoorbeeld hielp om een wonde of een stoma te verzorgen. Een partner is ook vaak bang om zijn geliefde pijn te doen of om iets te vragen waar die nog niet aan toe is.

Als koppel ga je dan op zoek naar een nieuwe intimiteit en seksualiteit. Daarin helpt het dat u op zoek gaat naar wat u wilt, naar wat u nodig hebt en naar wat kan door bijvoorbeeld te masturberen. Dan kunt u aangeven wat goed voelt voor u en dan helpt u uw partner op weg om samen weer volop te genieten van vrijen. Of een nieuwe intimiteit te vinden wanneer een orgasme of penetratie niet meer kan. Erover praten valt vele koppels moeilijk, dat zijn we niet gewoon, maar praten helpt een koppel net op weg. Ook een gesprek met een seksuoloog, een relatietherapeut of met een psycholoog kan helpen. 

Leven

Dit artikel is verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. U kunt hier alle verhalen uit het magazine lezen.