Over de aardverschuiving die kanker teweegbrengt

‘Het ergste? De gedachte er niet meer te zijn voor mijn zoon’
Myriam Deloddere
Uit Leven, editie 69, januari 2016

De verhouding met haar zoon, haar relatie, haar zelfbeeld, haar werk,… borstkanker heeft een aardverschuiving teweeggebracht in het leven van Myriam Deloddere. Vijf jaar na de borstamputatie, de chemotherapie en de borstreconstructie valt veel weer in een plooi, maar niets wordt nog hetzelfde.

Auteur: Bart Van Moerkerke - Fotograaf: Lieven Van Assche

‘Ik had goed gewerkt in de tuin. Ik was 50 jaar, ik voelde me jong, gezond, krachtig, nuttig. En ’s anderendaags ontdekte ik plots die knobbel in mijn rechterborst. Mijn toenmalige vriend Paul is een dokter, hij wilde dat ik meteen naar het ziekenhuis ging. Onderweg stuurde hij me een sms om me succes te wensen. Dat was niets voor hem. Toen wist ik dat hij net als ik een slecht voorgevoel had. In het ziekenhuis werd ik fantastisch opgevangen door de dochter van mijn zus die er als radiologe werkt. 

Mijn eerste reactie bij de diagnose: ik was vooral boos. Ik zat in een moeilijke scheiding met de man waarmee ik 25 jaar getrouwd was geweest, ik had mijn moeder verloren na zes maanden coma, ik vond dat het welletjes was geweest.

Maar na een punctie was het verdict onverbiddelijk: borstkanker. Mijn eerste reactie was zeer vreemd. Ik weende niet, ik panikeerde niet. Ik was eigenlijk vooral boos. Ik zat in een moeilijke scheiding met de man waarmee ik 25 jaar getrouwd was geweest, ik had mijn moeder verloren na zes maanden coma, ik vond dat het welletjes was geweest. Ik heb die dag in slow motion beleefd. Ik weet niet meer hoe ik thuis ben geraakt. ’s Anderendaags ging ik gewoon werken, ik ben OCMW-secretaris in Wervik. Ik heb mijn collega’s alles verteld. Ik dacht dat ik een paar weken out zou zijn. Ik besefte niet dat de behandeling zo ingrijpend zou zijn. Uit verder onderzoek bleek dat er in dezelfde borst nog twee tumoren zaten. De oncoloog stelde een volledige amputatie voor gevolgd door chemotherapie, maar ik moest natuurlijk zelf beslissen.' 

Foto: KotK/Lieven Van Assche, Leven 69, januari 2016

'Ik zie me daar nog zitten. Wilde ik een volledige amputatie of één waarbij de borsthuid werd gespaard? Ik wilde zeker een borstreconstructie, maar zou ik die tegelijkertijd met de amputatie laten uitvoeren of later? Verschrikkelijke keuzes. Ik wilde niemand tot last zijn, ik wilde een groot meisje zijn, dat is mijn opvoeding. En dus was ik alleen naar die consultatie gegaan, ik moest alleen de knoop doorhakken. Ik ben in die paar minuten zeker drie keer van gedacht veranderd. Ik heb zitten wenen, ik was beschaamd. Mijn moed en zelfzekerheid hebben daar een ferme deuk gekregen. Uiteindelijk heb ik de raad van de gynaecoloog gevolgd: volledige amputatie, chemotherapie en later een reconstructie.’

‘Vanaf dat moment werd het menens. Een week later werd ik geopereerd. Toen ik wakker werd in de recoveryzaal was ik vooral opgelucht: de kanker was weggesneden. ’s Avonds op de kamer heb ik met vrienden en familie een feestje gebouwd, ik was bijna euforisch. Na vier dagen mocht ik naar huis, wellicht wat te vroeg, want in de daaropvolgende weken was er acht keer een punctie nodig om vochtophoping op de plaats van de operatie te verwijderen. Intussen was ook de chemotherapie gestart. Tussen maart en juli 2010 kreeg ik zes keer chemo. Enkele dagen na de eerste keer had ik plots hoge koorts, een kleine minderheid van de patiënten blijkt zo te reageren op de chemo. Paul bracht me meteen naar de spoedopname. Ik had nog 400 witte bloedcellen per mm³. Toen dacht ik echt dat ik het niet zou halen. Ik heb twee dagen in quarantaine doorgebracht en ik krabbelde overeind. Bij de volgende chemobehandelingen kreeg ik medicatie om de neutropene koorts (zie onderaan, red.) te voorkomen.’

Dan weet je waar het om draait in het leven: je kind, je partner, je familie, je vrienden en vriendinnen. Het werk, dat vroeger zo belangrijk was, is dan ver weg.

'25 november 2010 was een dag om nooit te vergeten. Dan werd mijn borst gereconstrueerd met huid- en vetweefsel dat van mijn buik werd weggenomen. Een nieuwe ik was geboren. Ik heb nooit getwijfeld over een borstreconstructie. Ik kon me geen leven met maar één borst voorstellen, twee borsten zijn belangrijk voor mijn vrouw-zijn. Ik heb altijd van mijn borsten gehouden, voor de operatie heb ik Paul gevraagd er een foto van te nemen, ik wou er een tastbaar beeld van. Ja, ik ben ijdel. Dat ik mijn haar verloor door de chemotherapie vond ik verschrikkelijk. Ik heb twee pruiken gehad, ik heb mooie sjaaltjes gekocht. Ik heb altijd geprobeerd om er goed uit te zien.' 

Foto: KotK/Lieven Van Assche, Leven 69, januari 2016

'Ik heb zo weinig mogelijk kaal rondgelopen om niemand met mijn ziekte te confronteren, ook mijn zoon Michiel niet. Ik herinner me een moment in de badkamer toen hij me zag: bleek, oud, kaal. Hij zei: “Mama, het is misschien niet mooi maar je hebt nog altijd hetzelfde lieve gezicht”.’      

‘Michiel was twaalf jaar toen ik kanker kreeg. Ik heb het hem meteen verteld, ik heb gezegd dat we voor een moeilijke periode stonden maar dat alles in orde zou komen. Natuurlijk ving hij van alles op als ik met Paul of vriendinnen sprak over bijvoorbeeld de angst om te hervallen. Hij zag dat ik mijn haar verloor, hij zag me wel eens wenen, hij mocht niet bij me toen ik in quarantaine zat. Die zorgen hebben ongetwijfeld een invloed gehad op zijn schoolresultaten. Zowat elke dag kwam hij met strafwerk naar huis. Ook nu is hij nog bijzonder attent als het over mijn gezondheid gaat. Ben ik ziek, dan begint hij verder te denken: er zal toch niets meer aan de hand zijn? Moet ik naar de controle, dan leeft hij mee en dan loopt ook hij op de toppen van zijn tenen. Toen ik dacht dat de neutropene koorts me fataal zou worden, was dat het ergste: het idee er niet meer te zijn voor Michiel, hem niet meer te kunnen leiden en vormen. Dan weet je waar het om draait in het leven: je kind, je partner, je familie, je vrienden en vriendinnen. Het werk, dat vroeger zo belangrijk was, is dan ver weg. Ik ben intussen al vier jaar weer aan de slag, voltijds. Ik werk hard maar mijn job zal nooit meer zo centraal in mijn leven staan als vroeger.’

Ben ik ziek, dan begint mijn zoon verder te denken: er zal toch niets meer aan de hand zijn? Moet ik naar de controle, dan leeft hij mee en dan loopt ook hij op de toppen van zijn tenen.

‘De borstkanker heeft veel druk gelegd op mijn relatie met Paul. Tijdens mijn behandeling hebben we gedurende enkele weken geen contact meer gehad. Later, toen ik alweer aan het werk was, zijn we definitief uit elkaar gegaan. Paul heeft altijd gezegd dat de breuk niets met mijn kanker te maken had, maar het heeft onze relatie zeker geen goed gedaan. Ik was in die periode heel erg met mezelf bezig, ik probeerde mezelf recht te houden. Alles draaide om mij. Als er bezoek was, ging het weer over mij. Paul moest overdag hard werken en kwam dan ’s avonds bij zijn vriendin die ziek en somber was. Waar vroeger het leven fun was, was daar geen sprake meer van. Nu besef ik hoe zwaar dat ook voor hem geweest moet zijn. Nu begrijp ik waarom koppels die nog niet de tijd kregen om een diep gewortelde relatie uit te bouwen, tijdens een zwaar ziekteproces soms uit elkaar gaan.’

De verkeerde kaart

Myriam Deloddere schreef over de periode van de diagnose borstkanker tot de tepeltatoeage het boek De verkeerde kaart. Een verhaal over borstkanker. Ze heeft er naast haar persoonlijke verhaal heel wat tips voor patiënten en voor artsen, verpleegkundigen en ziekenhuizen in opgenomen. Het boek bestellen kan via myriam.deloddere@telenet.be.

 

Uw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Neutropenie

Neutropenie is een tekort aan bepaalde witte bloedcellen. Normale waarden voor witte bloedcellen zijn 4000-10.000/mm³. Dat kan zakken tot rond de 1000 voor het risico op infectie begint te stijgen. De neutropene fase is de dip in de chemotherapie waarbij het aantal witte bloedcellen het laagst is en de weerstand tegen infecties verminderd. Neutropenie kan worden behandeld met een inspuiting met groeifactoren (Neulasta®).

Leven

Dit artikel is verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. U kunt hier alle verhalen uit het magazine lezen.