Journalist en milieuactivist George Monbiot over prostaatkanker

Toen ik hoorde dat ik kanker had, wist ik zeker: hier ga ik niet over zwijgen
George Monbiot
Uit Leven, editie 82, april 2019

George Monbiot (55) vecht al jaren tegen milieuvervuiling en wil met zijn boeken en artikels zo veel mogelijk mensen aanzetten tot actie. Met evenveel gedrevenheid kaart Monbiot, die anderhalf jaar geleden prostaatkanker kreeg, nu zijn ziekte en zijn herstel aan. ‘Mensen, en dan vooral mannen, praten er veel te weinig over. Ik beschouw het als mijn plicht om dat wel te doen.’

Auteur: Anne Adé - Fotograaf: Lieven Van Assche
Foto Kom op tegen Kanker/Lieven Van Assche

‘Net voor ik mijn diagnose kreeg, had ik nog een vrouw geïnterviewd van wie de zus vijfentwintig jaar geleden overleden was aan borstkanker. Zij voerde als een van de eersten in Groot-Brittannië actie om meer aandacht te vragen voor de ziekte. Het lijkt nu haast onvoorstelbaar maar borstkanker was toen nog een taboeonderwerp, een vreselijk geheim waarover je niet mocht praten. Toen ik hoorde dat ik zelf kanker had, wist ik het zeker: ik word niet zoals die vrouw, ik wil niet zwijgen.’

Vroege diagnose

‘De tumor is ontdekt toen ik in december 2017 een infectie aan de urinewegen kreeg. Ik had hoge koorts en was zo ziek dat ik niet uit bed kon komen. De arts die op huisbezoek kwam, was toevallig van West-Afrikaanse afkomst en dat is wellicht mijn redding geweest. In West-Afrika komt prostaatkanker twee keer zoveel voor als in het Westen. Hij vond meteen dat er iets niet klopte en verwees me door voor verder onderzoek.’

Foto Kom op tegen Kanker/Lieven Van Assche

‘Al snel bleek dat mijn PSA-waarden (prostaatspecifiek antigen, een eiwit in het bloed, red.) veel te hoog waren. Een MRI-scan en een biopsie bevestigden kort daarop dat ik wel degelijk prostaatkanker had. Ik heb het geluk gehad dat de diagnose erg snel kwam, de kanker was nog niet uitgezaaid. Er waren verschillende behandelmogelijkheden. Na me goed geïnformeerd te hebben, besliste ik om me te laten opereren.’

Pijnlijke details

‘Nog voor mijn operatie begon ik te schrijven over mijn ziekte. Dat was helemaal niet moeilijk. Meer nog, ik zou het moeilijker gevonden hebben om erover te zwijgen. Erover schrijven en praten maakt de ziekte normaler, minder angstaanjagend. Ik begin er vaak zelf over, bijvoorbeeld als ik op de trein met iemand aan de praat raak. Wat me enorm meevalt, is dat de meeste mensen echt wel openstaan voor een gesprek over kanker. Dat was vroeger wel anders, als ik terugdenk aan wat de borstkankeractiviste me vertelde over haar strijd twintig jaar geleden.’ ‘Ik probeer over mijn ziekte te praten zonder te dramatiseren, als een fact of life. Daarbij schuw ik de pijnlijke details niet, zoals erectieproblemen of hardnekkige constipatie die ik ondervond na mijn operatie. 

‘Ik probeer over mijn ziekte te praten zonder te dramatiseren, als een fact of life. Daarbij schuw ik de pijnlijke details niet, zoals erectieproblemen of hardnekkige constipatie die ik ondervond na mijn operatie. Mede door mijn openhartigheid ben ik nooit bang of ongerust geweest nadat ik mijn diagnose kreeg. Dat merkten ze zelfs in het ziekenhuis. Toen ze voor de operatie mijn bloeddruk namen, merkte de verpleger verbaasd op: “U hebt blijkbaar niet echt veel stress in uw leven”.’ ‘Ik heb voor mezelf enkele regels bedacht om mentaal sterk te blijven. Je leven niet laten regeren door angst, is een boodschap die ik mezelf dagelijks inprent. Zo mogelijk nog belangrijker is er geregeld bij stilstaan hoeveel erger het had kunnen zijn.

Dankzij het blauwe pilletje heb ik geen last meer van erectieproblemen

Ik prijs mezelf gelukkig dat de kanker vroeg ontdekt is, dat ik omringd word door liefdevolle familie en vrienden, en dat ik kan rekenen op prima, betaalbare gezondheidszorg. In de Verenigde Staten was ik nu al failliet en had ik mijn huis moeten verkopen.’

Bijwerkingen

‘Ik ben er goed uitgekomen, ik heb betrekkelijk weinig last van bijwerkingen. Ik ben blij dat ik geen urine verlies. Ik heb zelfs veeleer last van het omgekeerde: hypercontinentie (ook urineretentie genoemd, red.). Daarom moet ik mezelf nu wekelijks katheteriseren (de blaas zelf leegmaken via een katheter, red.), maar dat ben ik snel gewoon geraakt. En dankzij het blauwe pilletje heb ik ook geen last meer van erectieproblemen.’ 

Foto Kom op tegen Kanker/Lieven Van Assche

‘Dat neemt niet weg dat het zwaar is geweest. Na de operatie heb ik veel pijn gehad. Ik ben nadien nog een tweede keer geopereerd omdat een endoscopie (een kijkonderzoek met een minicamera, red.) een scheurtje had veroorzaakt. Die tweede operatie overviel me totaal. Vreemd genoeg maakte ik me er meer zorgen over dan over de eigenlijke prostaatoperatie, die veel zwaarder was geweest.’

Elkaar helpen

‘Veel mensen in mijn omgeving vragen me hoe ze kunnen helpen. Ze willen zich niet nutteloos voelen. Ik zeg dan altijd: naar me luisteren is het mooiste dat je voor me kunt doen. Weten dat anderen er voor mij zijn als het nodig is, geeft me kracht. De wereld zou er veel beter uitzien als we weer meer in gemeenschap zouden leven met elkaar. Als mensen meer ervaringen zouden delen met anderen en elkaar ook daadwerkelijk zouden bijstaan. Dat heb ik zelf nog maar eens ondervonden toen het ziekenhuis waar ik behandeld werd, een workshop organiseerde voor prostaatkankerpatiënten die kort daarop geopereerd zouden worden. Per ongeluk was er ook een man op uitgenodigd die de operatie al achter de rug had. Hij maakte zich eerst boos om de vergissing van het ziekenhuis. Maar al snel overstelpten de andere patiënten hem met vragen, en werd het een geweldig positieve ervaring voor iedereen. Ik heb nu zelf aangeboden om voor zulke groepen te gaan praten. Als er één ding is waar nog vooruitgang geboekt kan worden bij de behandeling van kanker, is het wel de psychische bijstand van patiënten.’

Gat in ons leven

‘Op mijn reizen door Afrika en Zuid-Amerika valt het me altijd op hoe anders mensen daar omgaan met de dood. Daar maakt hij deel uit van het leven. Maar hier in West-Europa stoppen we hem weg. Er wordt niet over gepraat en daardoor dragen we hem ons hele leven achter ons aan, als een schaduw. Misschien is het dat wat ons tot almaar meer consumeren drijft.

Erover schrijven en praten maakt kanker minder angstaanjagend

De dood slaat een gat in ons leven dat we met alle macht willen dichtplakken door zo veel mogelijk spullen rond ons heen te verzamelen, wat ook nog eens slecht is voor de planeet. Door ons levenseinde te negeren, bereiden we er ons ook niet op voor. We blijven maar doorgaan tot de dood ons komt halen, zonder er enige controle over te hebben. Ik heb veel vrienden verloren aan langdurige ziekten die hen vreselijk deden aftakelen. Dat wil ik zelf niet meemaken, ik wil zelf kiezen hoe en wanneer ik ga.’

Beperkte tijd

‘Kanker hebben, heeft me niet alleen doen stilstaan bij mijn levenseinde, maar ook bij de rest van mijn leven. Zo’n ziekte herinnert je eraan dat onze tijd op aarde beperkt is. Ik let er nu nog meer dan vroeger op om ‘m niet te verspillen, ik wil alleen met belangrijke dingen bezig zijn. Voor ik aan een artikel of een boek begin, stel ik me altijd eerst de vraag of ik er een bijdrage mee lever om de wereld beter te maken. Dat is wat mij voortstuwt.’

 

Uw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Lees meer

Leven

Dit artikel is verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. U kunt hier alle verhalen uit het magazine lezen.