Johan Thibo kreeg drie kankerdiagnoses in vijf jaar tijd

Geen tekenen meer van kanker in mijn lichaam en toch ben ik bang.
Johan Thibo
Uit Leven, editie 94, april 2022

58 jaar was Johan Thibo (nu 64) toen hij te horen kreeg dat hij prostaatkanker had. Twee jaar later stelden artsen kanker in de rechterlong vast. In 2020 volgde een derde diagnose: kanker in de linkerlong. ‘Angst voor een vierde keer? Ik wil positief zijn, maar het vertrouwen in mijn lichaam ben ik voor een stuk kwijt.’

Auteur: Liesbet De Vuyst - Fotograaf: Filip Claessens
jt94-1

In het voorjaar van 2016 vernam Johan Thibo na een bloedonderzoek dat zijn PSA-waarden te hoog stonden. PSA staat voor ‘prostaatspecifiek antigen’, een eiwit in het bloed. Omdat verhoogde PSA-waarden kunnen wijzen op prostaatkanker, verwees zijn huisarts hem door naar een uroloog. Die deelde enkele weken later mee dat Johan inderdaad prostaatkanker had. De arts voegde er in een adem aan toe: ‘Dat is geen goed nieuws. Maar ik vertel je liever dit, dan dat ik je zou moeten meedelen dat je longkanker hebt.’

Er werden geen uitzaaiingen vastgesteld en de kanker was behandelbaar. Toch was de diagnose een zware dobber. Er volgden bestralingen en een aantal complicaties zorgden ervoor dat Johan een jaar op non-actief kwam te staan.

Rustiger aan

De vreugde was groot toen Johan weer aan het werk kon. ‘Op die eerste werkdag was ik zielsgelukkig dat mijn leven kon herbeginnen en ik opnieuw van nut zou zijn. Mijn job is altijd mijn uitlaatklep geweest. Als sales- en marketingmanager reisde ik meer dan dertig jaar door Europa en Noord-Amerika. Soms kwam ik bijvoorbeeld op vrijdagavond thuis van Milaan en moest ik op zondagavond alweer vertrekken naar Stockholm. Dat was zwaar, maar ik deed het graag.’

‘Ik was een echte workaholic en heel ambitieus. Ik wou de hoogste verkoopcijfers halen, de beste van het bedrijf zijn. Toen ik na mijn prostaatkanker opnieuw aan de slag ging, nam ik me wel voor om het rustiger aan te doen. Ik schakelde mijn prestatiedrang naar een lager niveau. Dat moest wel, want door mijn ziekte was ik zwakker en vooral trager geworden.’

Longkanker

jt94-2

Johan was nog maar een jaar opnieuw aan de slag toen een routineonderzoek bij de huisarts opnieuw onrust veroorzaakte. De scan die daarop volgde, bracht aan het licht dat Johan longkanker had. ‘In mijn rechterlong zat een tumor. Die moest worden verwijderd, maar dat kon niet zonder een stuk van de long weg te nemen. De schrik sloeg me om het hart. Omdat ik moest denken aan de onheilspellende woorden van de uroloog destijds, maar ook omdat ik een COPD-patiënt ben. Dat is een chronische longziekte waardoor ik al mijn hele leven ademtekort ervaar. Wat zou dat geven als ik nu ook nog een deel van een long zou verliezen?’

‘De operatie in de zomer van 2018 verliep vlot en ook deze keer waren er geen uitzaaiingen. Omdat er wel een klier was aangetast, kreeg ik nog radio- en chemotherapie als nabehandeling. Die moesten kankercellen, die mogelijk toch in de bloedbanen waren terechtgekomen, vernietigen. Na de hele behandeling had ik te kampen met extreme vermoeidheid. Maar ik volgde een revalidatieprogramma en sterkte aan. In de herfst van 2019 had ik het gevoel dat ik er weer tegenaan kon. De gedachte om het werk te hervatten borrelde weer op.’

Positieve energie

Ik was ervan overtuigd dat de positieve energie die ik uit mijn job haalde me deugd zou doen.

‘De adviserend arts van het ziekenfonds beëindigde abrupt mijn wens om weer te gaan werken. Hij zei dat het te uitputtend zou zijn. Ik had het daar moeilijk mee: ik voelde me op dat moment goed en was ervan overtuigd dat de positieve energie die ik uit mijn job haalde me deugd zou doen. Ik ben altijd ietwat eigenzinnig geweest en aanvaardde niet zomaar het advies van die ene arts. Ik ging te rade bij andere dokters, maar kreeg telkens dezelfde boodschap: het werk hervatten was niet verstandig.’

‘Ik was begin de zestig en niet iemand die de dagen aftelde tot het einde van zijn carrière. Ik heb het advies om te stoppen met werken mentaal moeilijk verwerkt, heb me korte tijd zelfs verzet, maar uiteindelijk kan je maar beter de raad van de artsen volgen. Niet alleen de vermoeidheid speelde me parten. Ik had ook last van concentratiestoornissen en geheugenverlies. Soms las ik de krant en wist ik bij de laatste regel al niet meer wat ik gelezen had.’

Derde keer kanker

Bij een controleonderzoek in het najaar van 2020 stelden de dokters nieuwe longletsels vast. Deze keer in de linkerlong. Het was niet meteen duidelijk of het opnieuw om kwaadaardige tumoren ging, al gingen de artsen er wel van uit. ‘Op een definitieve diagnose moest ik tien weken wachten. Pas dan zou een uitgebreide scan uitsluitsel kunnen geven. Die periode van onwetendheid was de hel en maakte me agressief. Niet fysiek, maar verbaal kon ik stevig tekeergaan. Ik had een kort lontje en mijn omgeving was kop van jut.’

‘Het was de onwetendheid, maar ook de boosheid dat me wellicht voor een derde keer slecht nieuws te wachten stond, die me gek maakten. De vrees voor een nieuwe kankerdiagnose bleek niet onterecht. Er zaten twee kleine tumoren in de linkerlong bovenaan. Het zou niet gaan om uitzaaiingen van de eerste longtumor, maar om een nieuwe primaire kanker. Bestralingen volgden.’

Nood aan klankbord

Ik had in die lastige weken en maanden nood aan mensen om mijn zorgen mee te delen en me verstrooiing te bieden.

Zodra de diagnose duidelijk was, bleef Johan het lastig hebben. ‘Thuis probeerde ik mijn angsten voor mezelf te houden. Mijn vrouw wou ik sparen, omdat zij bang was mij te verliezen. Gelukkig kon ik terecht bij een psycholoog. Tot zij op zeker moment ook uitviel door ziekte. Toen werd ik pas echt radeloos.’

‘Het was in die periode dat ik een sociaal netwerk miste. Ik heb geen kinderen, geen broers of zussen en mijn ouders zijn al lang overleden. Doordat ik mijn hele leven vooral in het buitenland heb gewerkt, heb ik weinig vrienden in eigen land. Ook de coronapandemie isoleerde me voor een stuk. Ik had in die lastige weken en maanden nood aan een klankbord: mensen om mijn zorgen mee te delen en me verstrooiing te bieden. Met het einde van de behandeling keerde ook de rust terug.’

Revalidatie

jt94-3

‘Er zijn op dit moment geen tekenen van kanker in mijn lichaam. En toch ben ik bang ooit een vierde diagnose te zullen krijgen. Ik wil positief zijn, maar het vertrouwen in mijn lichaam ben ik voor een stuk kwijt.’

Johan revalideert opnieuw om zijn longcapaciteit op peil te houden. Maar toch merkt hij de beperkingen. ‘Ik kan mijn gras niet meer maaien: te vermoeiend. Mijn buurman doet dat. Ik wandel, maar om de zoveel meter moet ik rusten. Ik ben buiten adem als ik de trap opga en na een douche moet ik altijd even bekomen. Als ik nerveus ben, omdat ik bijvoorbeeld mijn sleutelbos niet direct vind, kom ik in ademnood. Dat zijn gevolgen van de longkanker, maar ook van de COPD die met ouder worden toeneemt.’

Sociaal netwerk

‘Toch probeer ik, nu alles relatief goed gaat, ten volle te genieten. Ik ben een bourgondiër. Op restaurant gaan we weinig door de coronapandemie, maar mijn vrouw is een echte keukenprinses. Aan de vermoeidheid wil ik zo weinig mogelijk toegeven. Het zwarte gat dat ontstaan is door te stoppen met werken, vul ik op met wandelen en fietsen, dat laatste elektrisch.’

‘En ook mijn sociaal netwerk ben ik aan het uitbouwen. Ik ben geen man voor het verenigingsleven, maar na de revalidatie een koffie drinken met de anderen of me inzetten als vrijwilliger voor lotgenoten, daar heb ik veel aan.’

 

Uw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Leven

Dit artikel is verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. U kunt hier alle verhalen uit het magazine lezen.