Een dag uit het leven van ... Veerle De Gieter op raadpleging in het ziekenhuis

Wat kijk ik ernaar uit om mijn gewone leven weer op te nemen
Veerle De Gieter
Uit Leven, editie 62, april 2014

Ettelijke uren hebben ze de voorbije maanden samen doorgebracht in het Oncologisch Centrum van het UZ Brussel: Veerle De Gieter (41) en haar tante Lieve. Samen slecht nieuws doorgeslikt, samen de wanhoop in hun keel gevoeld, samen de meedogenloze uitslagen van scans en onderzoeken aangehoord. Vandaag zijn ze strijdbaarder dan ooit, want het einde van Veerles behandeling lijkt eindelijk in zicht.

Auteur: Frederika Hostens - Fotograaf: Filip Claessens
Foto Filip Claessens

We ontmoeten elkaar aan de ontvangstbalie van de borstkliniek. Veerle en haar tante zijn tien minuten later dan gepland. Alle begrip van borstverpleegkundige Claudia, die zelf net meer dan anderhalf uur strijd heeft geleverd met de Brusselse maandagochtendspits. Haar collega Annick meldt Veerle aan bij dokter Marian Vanhoeij.

We nemen plaats in de wachtkamer. Over de files gaat het allang niet meer. Wat lijken die ongelooflijk futiel als Veerle haar verhaal vertelt. Een verhaal dat begint bij een keiharde diagnose in februari 2013. ‘Mijn linkerborst was helemaal ontstoken’, vertelt Veerle. ‘Mijn gynaecoloog dacht eerst dat een ontstoken melkklier de oorzaak was. Toen duidelijk werd dat antibiotica geen enkel effect hadden op de ontsteking, volgde het ene onderzoek na het andere. Uiteindelijk viel de diagnose “inflammatoire borstkanker met uitzaaiingen”. Mijn gynaecoloog stelde een behandeling voor, maar achtte de kans klein dat die in mijn geval genezend zou zijn. Ik kon me daar niet mee verzoenen en trok voor een tweede mening naar het UZ Brussel. Ik kende dit ziekenhuis al omdat mijn zoon van zes hier in behandeling is voor diabetes type I.’

Foto Filip Claessens

De behandeling in het UZ Brussel bestond onder meer uit 17 chemobeurten, een volledige borstamputatie en een nabehandeling met radiotherapie. Veerle beseft dat ze door het oog van de naald gekropen is. ‘In oktober kreeg ik het verlossende nieuws dat de uitzaaiingen op mijn lever weg waren en die op mijn bot nog zichtbaar, maar niet meer actief. Te mooi om waar te zijn, dacht ik. De twijfel is de voorbije maanden aan me blijven knagen. Hadden de dokters niets over het hoofd gezien? Vorige week is opnieuw een PET-scan genomen (een onderzoek waarbij een radioactieve vloeistof ingespoten wordt om eventuele tumoren overal in het lichaam zichtbaar te maken, red.). Zo meteen krijg ik de uitslag. Ik heb vannacht bijna geen oog dichtgedaan. Ik hoop natuurlijk bevestiging te krijgen dat de PET-scan in oktober niet gelogen heeft, maar mag ik dat wel hopen?’

Foto Filip Claessens

Dokter Vanhoeij is oncologisch chirurg. Ze weet welke vraag op Veerles lippen brandt als we de spreekkamer binnenkomen. ‘Zal ik de uitslag van de PET-scan maar meteen verklappen?’, vraagt ze aan Veerle. ‘Ik zie aan je gezicht dat het goed nieuws is’, flapt Veerle eruit. ‘Inderdaad’, neemt dokter Vanhoeij de laatste restjes twijfel weg. Veerle en haar tante slaken een zucht van opluchting. Veel tijd om het goede nieuws rustig te laten bezinken, is er niet, want er moet nog heel wat besproken worden. Uit onderzoek is namelijk gebleken dat Veerle aan een erfelijke vorm van borstkanker lijdt. Ze loopt daardoor een verhoogd risico op kanker in haar andere borst en in de eierstokken. Veerle weet dat ze er alle belang bij heeft om haar andere borst preventief te laten amputeren en haar eileiders en eierstokken te laten weghalen. Met dokter Vanhoeij bespreekt ze wanneer het meest geschikte moment daarvoor is. Binnen een jaar? Binnen enkele maanden? Veerle geeft aan dat ze zo snel mogelijk weer aan het werk wil. ‘We kunnen de ingrepen binnen een drietal maanden inplannen’, stelt dokter Vanhoeij voor.

Foto Filip Claessens

Na een onderzoek van het borstletsel en de bestraalde huid, zetten dokter Vanhoeij en Veerle hun gesprek voort. ‘Ik moet 100% zeker zijn dat je rechterborst geen verdachte of twijfelachtige letsels bevat en dat het dus wel degelijk om een preventieve ingreep gaat’, legt dokter Vanhoeij uit. ‘Mocht die borst aangetast zijn, dan moeten immers ook de klieren errond onderzocht worden. We kunnen die zekerheid alleen bekomen door bijkomende onderzoeken. Ik stel voor dat je alvast ook afspraken laat vastleggen bij de gynaecoloog die je eileiders en eierstokken zal weghalen en voor een consultatie bij de plastische chirurg die de borstreconstructie zal uitvoeren.’

Afspraken vastleggen voor een mammografie, echografie van de borst en MRI (een onderzoek waarbij beelden van het inwendige van het lichaam gemaakt worden met een sterke magneet, red.), en voor consultaties bij de gynaecoloog en de plastisch chirurg? Dokter Vanhoeij heeft nog maar net afscheid genomen van Veerle, of borstverpleegkundige Annick is al druk in de weer om de afspraken aan te vragen. Veerles tante haalt haar agenda boven. ‘Ik probeer Veerle bij elke afspraak te vergezellen. Veerle heeft me vorig jaar zelf gevraagd of ik dat wou doen. Niet omdat ze van mij verwacht dat ik haar handje vasthoud en haar betuttel, zo zit Veerle niet in elkaar en ik trouwens ook niet. Ik probeer nuchter te luisteren naar wat de dokters zeggen. Als ik merk dat Veerle bepaalde boodschappen te veel verbloemt of van zich wegduwt, probeer ik haar voorzichtig te overhalen om de waarheid onder ogen te zien, hoe hard die soms ook is.’ ‘Ik heb op een bepaald moment zoveel slecht nieuws na elkaar gekregen, dat ik me afsloot en niet meer luisterde’, laat Veerle zich ontvallen. ‘Daarom is het goed dat mijn tante bij me is. We zijn het niet altijd met elkaar eens en ik zeg wel eens dat ik de volgende keer alleen naar het ziekenhuis zal gaan…’ ‘Maar dan belt Veerle gewoon weer bij me aan, hoor’, lacht haar tante.

Mijn energie is terug en kijk eens, mijn haar komt ook terug.

In de wachtzaal van het oncologisch centrum zet het geplaag tussen Veerle en haar tante zich voort. Ook tijdens de raadpleging bij medisch oncoloog Christel Fontaine is het geplaag nooit veraf. ‘Hoe gaat het met jou?’, opent dokter Fontaine het gesprek. ‘Ik voel me in topvorm’, antwoordt Veerle. ‘Mijn energie is terug en kijk eens, mijn haar komt ook terug.’ Dokter Fontaine moet even aandringen voor Veerle vertelt wat er minder goed gaat. Haar nagels blijven schilferen en vroegtijdig afbreken, een gevolg van de zware chemokuur. Veerle krijgt een nieuw voorschrift mee voor een vitaminekuur die het herstel van de nagels bevordert. In alle openheid gaat het daarna over de timing van de nieuwe ingrepen en de vervroegde menopauze (ook een gevolg van de zware chemokuur, red.). Veerle heeft nog een andere vraag: hoelang de poortkatheter die gebruikt werd voor de toediening van de chemo nog moet blijven zitten? Dokter Fontaine stelt voor om die voorlopig nog niet te laten weghalen. Wel moet de katheter om de drie maanden gespoeld worden om een trombose te voorkomen.

Foto Filip Claessens

Wat zo’n spoeling inhoudt, ondervindt Veerle enkele tellen later. ‘Dit zal ongeveer een kwartiertje duren’, legt de verpleegkundige uit. Nog geen vijf minuten later staan Veerle en haar tante alweer in de gang. ‘Bij mij moet alles rap vooruitgaan hé’, grijnst Veerle. ‘De aard van het beestje zeker?’, knipoogt tante Lieve. Aan de ontvangstbalie van het oncologisch centrum vraagt Veerle nog een afspraak voor een bloedonderzoek en een botmeting, twee onderzoeken die dokter Fontaine heeft voorgeschreven om de menopauze op te volgen. De agenda van tante Lieve komt er opnieuw bij te pas. Veerle en haar tante halen hun afsprakenblad op bij de borstkliniek. Nog één keer de agenda bovenhalen om de volgende afspraak met dokter Vanhoeij vast te leggen en de cirkel is rond.

Veerle en haar tante stappen naar de parking. Met een grote glimlach op haar gezicht belt Veerle haar man en haar moeder op. ‘Ik kan niet wachten tot ik mijn normale leven weer kan opnemen’, zegt Veerle bij wijze van afscheid. ‘Wat nog komt, zie ik als het laatste dat nog moet komen om deze bladzijde te kunnen omslaan.’

  • Met dank aan het Oncologisch centrum van het UZ Brussel dat ons toeliet deze reportage te maken.
  • Uw reactie op dit verhaal is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Medisch

Inflammatoire borstkanker is een heel zeldzame, maar erg agressieve vorm van borstkanker. De behandeling ervan bestaat meestal uit een combinatie van chemotherapie, chirurgie en radiotherapie.

Erfelijke borstkanker ontstaat door een mutatie, of een fout in de genen. Vrouwen die drager zijn van een afwijking in het BRCA1- of BRCA2-gen lopen een risico van 60 tot 80% om ooit borstkanker te krijgen en 20 tot 40% kans op eierstokkanker. Er is bovendien een risico van 50 tot 60% om in de loop van het leven borstkanker te ontwikkelen in beide borsten.

Leven

Dit artikel is verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. U kunt hier alle verhalen uit het magazine lezen.