Column Bart van Eldert - Hoogtepunten

Als gezonde mensen al vruchteloos verbouwen om minder onzeker tussen de lakens te liggen, hoe is het dan met de duizenden kankerpatiënten gesteld?
Bart van Eldert
Uit Leven, editie 95, juli 2022

Bart van Eldert (°Amsterdam, 1966) werkte vroeger als verslaggever en columnist voor het Algemeen Dagblad en schreef samen met Danielle Pinedo het brievenboek Beter worden is niet voor watjes. Hij heeft leukemie en kan door zijn ziekte niet meer werken. Zijn vrouw is behandeld voor borstkanker. Ze hebben twee kinderen.

Auteur: Bart van Eldert - Fotograaf: ID / Koen Verheijden

Het ging in de periode dat mijn vrouw borstkanker had over kaal worden, over wel of niet een pruik. Over amputatie en wat dan. Bij twijfel geen tepels, had de chirurg gewaarschuwd. Thuis ging het met een vriendin over in te bouwen nieuwe stevige kunstwerkjes. ‘Voor jou ook fijn’, zei die vriendin tegen mij. Ze meende het. Een blonde pruik en twee keer pront plastic, hoe is dat een fijn vrouwbeeld? Het deed me denken aan de tijd dat ik over medische wetenschap schreef. Ik maakte reportages over vrouwen die als cosmetische chirurgie collageen in hun vagina lieten spuiten, op zoek naar grotere erogene zones in de zogenaamde G-spot. Prima te doen in je lunchpauze en al na drie uur mocht je weer aan seks denken, zei die dokter. En ik herinner me hoe moeders hun tienerdochter naar de chirurg brachten. Bezorgd omdat de meisjes er tussen de benen niet zo uitzagen als het vlees in de Playboy. Genitaal loodgieterswerk zonder enig duidelijk effect, zeiden wetenschappers toen.

Als gezonde mensen al vruchteloos verbouwen om minder onzeker tussen de lakens te liggen, hoe is het dan met de duizenden kankerpatiënten gesteld? Zelf zie ik mij als zo’n schilderachtig Frans boerenhuisje. Vanuit de verte oogt het nog rustiek verzakt en authentiek doorleefd. Net leuk genoeg om op vakantie een foto van te maken. Maar wat als je er in moet wonen? De verwarming maakt onverwacht borrelende geluiden, de verf is van de branderige huid gebladderd en net als je het niet verwacht, blaast een koude tocht alle papieren door elkaar. Is de hele bovenkamer leeg. En tegen dat krakende huisje leunt mijn vrouw, als een al even schilderachtig scheefgezakt Frans boerenschuurtje. We zijn best charmant, van een afstand.

Met zo’n lijfje is het lekker makkelijk oproepen: stop met onbereikbare lichaamsbeelden. Toch. Met die reportages won ik de prijs van de Nederlandse wetenschappelijke vereniging voor seksuologie. Het juryrapport zei wijs dat al dat gesleutel geen garantie biedt tot acceptatie en genieten van het eigen lichaam en seksualiteit. ‘Niet het keurslijf van de media of de “algemene opinie” maar enkel jouw eigen meetlat – en die van je partner – bepaalt de “ernst” van eventuele gebreken dan wel de kwaliteit van jouw hoogtepunt.’ Dat lijkt me ook voor kankerpatiënten een gezond uitgangspunt.

 

Uw reactie op deze column is altijd welkom. Mail ons via leven@komoptegenkanker.be.

Leven

Dit artikel is verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. U kunt hier alle verhalen uit het magazine lezen.