Chirurgie bij plaveiselcelkanker

Bij een operatie voor plaveiselcelkanker (een type huidkanker - niet-melanoom) wordt de tumor in zijn geheel verwijderd. Er wordt meestal ook een beetje omringende huid weggenomen, om er zeker van te zijn dat alle kankercellen verwijderd zijn.

Met de Mohs-techniek wordt de tumor op een weefselsparende manier weggenomen. De weggenomen tumor wordt onmiddellijk onderzocht in het laboratorium. Als uit dat onderzoek blijkt dat de tumor nog niet volledig is weggehaald, snijdt de chirurg een extra laagje huid weg. Dat wordt ook onmiddellijk onderzocht. Afhankelijk van de uitslag, wordt er nog een laagje huid weggehaald of niet, tot er in het onderzochte weefsel geen kanker meer zichtbaar is. Op deze manier blijft de wond zo klein mogelijk.

Klierbiopsie

Als de arts naast plaveiselcelkanker ook een lokaal opgezette lymfeklier in hals, oksel of lies opspoort, dan wordt aan de hand van een biopsie onderzocht of die klier is aangetast.

Bijwerkingen

Na een klierbiopsie zijn kleine ongemakken mogelijk, bijvoorbeeld een zwelling onder het litteken, gevormd door onderhuidse vochtopstapeling. Dat fenomeen is echter tijdelijk. Na enkele weken werkt het lichaam deze zwelling vanzelf weg.

Klieruitruiming

Als uit de klierbiopsie blijkt dat een lymfeklier is aangetast, dan wordt die klier verwijderd. Ook de omringende klieren worden meestal weggenomen, omdat ze eveneens cellen van het plaveiselcelcarcinoom kunnen bevatten. We noemen dat een klieruitruiming.

Bijwerking

Een mogelijke bijwerking van een klieruitruiming is een gezwollen arm (bij uitruiming van de klieren in de oksel) of vaker van het been (bij uitruiming van de klieren in de lies), door opstapeling van lymfevocht in het lidmaat, ook lymfoedeem genoemd. Bij verwijderen van de lymfeklieren in de hals treedt er geen lymfoedeem op.

Als uw arm of voet opzwelt, strak of zwaar aanvoelt of pijnlijk wordt, meldt u dat het best meteen aan uw arts. Sommige patiënten krijgen pas jaren na de behandeling last van lymfoedeem. Een regelmatige controle en gespecialiseerde kinesitherapie kunnen problemen voorkomen. Soms is een steunkous van waarde.

Meer informatie