Chirurgie bij nierkanker

Patiënten met nierkanker worden meestal geopereerd. Als de tumor groot is, verwijdert de chirurg de volledige nier en het vetweefsel rond de nier. Soms worden ook de bijnier en de omringende lymfeklieren verwijderd. Als de tumor kleiner is dan 7 centimeter, wordt soms maar een deel van de nier verwijderd en blijft de rest van de nier gespaard.

Bijwerkingen

Als één nier wordt verwijderd (of gedeeltelijk verwijderd), heeft dat meestal geen ernstige gevolgen: leven met één nier is goed mogelijk. De gezonde nier neemt dan de functies van de verwijderde nier over. De belangrijkste klachten na een operatie zijn pijn bij het ademhalen (veroorzaakt door de operatiewonde) en slecht functionerende darmen. Beide klachten verdwijnen meestal na enkele dagen. Daarnaast kan er een gevoel van zwakte en vermoeidheid optreden, dat meerdere weken kan aanhouden. Op lange termijn kan de patiënt geconfronteerd worden met nierfunctieverlies. Daarom wordt indien mogelijk de voorkeur gegeven aan een niersparende operatie.

Als beide nieren worden verwijderd, moet de patiënt nierdialyse volgen of een niertransplantatie ondergaan. Bij een nierdialyse wordt het bloed kunstmatig gezuiverd. Een niertransplantatie is een medische ingreep waarbij een gezonde en goedwerkende nier van een donor wordt getransplanteerd in het lichaam van de patiënt (meestal niet vroeger dan twee jaar na nierwegname voor kanker).

Meer informatie