Straling en schadelijke stoffen

Blootstelling aan schadelijke stoffen kan uw risico op kanker beïnvloeden. Ook straling beïnvloedt mogelijk het ontstaan van kanker. In welke situaties is het aangewezen om blootstelling aan die stoffen en stralen vermijden? Hoe kunt u zich ertegen beschermen? We lichten op deze pagina’s kort enkele voorbeelden toe, zonder daarbij volledigheid te willen nastreven. De schadelijkheid van roken en meeroken en van zonnen behandelen we op aparte pagina's.

Om vast te stellen of een stof het risico op kanker verhoogt, nemen onderzoekers de resultaten van wetenschappelijke studies bij mensen en dieren aandachtig onder de loep. Het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek (International Agency for Research on Cancer, kortweg IARC, het kankeragentschap van de Wereldgezondheidsorganisatie), deelt stoffen waarvan onderzocht werd of ze kankerverwekkend zijn voor de mens, onder in vijf groepen:
 

  • Groep 1: stoffen die zeker kankerverwekkend zijn voor mensen. Voorbeelden zijn arseen, asbest, benzeen, cadmium, bepaalde chroom- en nikkelverbindingen, bepaalde hormoonverstorende stoffen, tabaksrook, fijn stof en vinylchloride.
  • Groep 2A: stoffen die waarschijnlijk kankerverwekkend zijn voor mensen (beperkt bewijs bij mensen, voldoende bewijs bij proefdieren).
  • Groep 2B: stoffen die mogelijk kankerverwekkend zijn voor mensen (beperkt bewijs bij mensen, afwezigheid van voldoende bewijs bij proefdieren).
  • Groep 3: stoffen die niet in te delen zijn.
  • Groep 4: stoffen die waarschijnlijk niet kankerverwekkend voor mensen zijn.
Man telefoneert met smartphone

Gsm-straling en andere draadloze toepassingen

Op basis van de huidige wetenschappelijke kennis kunnen gezondheidsrisico’s (waaronder het risico op bepaalde soorten kanker) bij langdurig en veelvuldig gebruik van de gsm niet uitgesloten worden. Daarom raden experts, onder wie ook de wetenschappers van de Hoge Gezondheidsraad van België, aan om de blootstelling aan straling door de gsm uit voorzorg te beperken, zeker bij kinderen onder de 12 jaar.

CT-scanner

Radioactieve straling (ioniserende straling)

Sommige straling heeft genoeg energie om het erfelijk materiaal (DNA) in lichaamscellen te beschadigen. De beschadiging van DNA kan leiden tot kanker. Straling die voldoende energie heeft om het erfelijk materiaal te veranderen, wordt ioniserende straling genoemd. 

Gebruik van bestrijdingsmiddelen

Hormoonverstorende stoffen

Hormoonverstorende stoffen (ook hormoonverstoorders, hormoonverstorende chemicaliën of EDC’s genoemd) worden in verband gebracht met ernstige chronische ziekten, waaronder kanker. Door effecten van hormonen na te bootsen of te wijzigen, kunnen EDC’s verwarrende signalen naar het lichaam sturen en de normale werking van het lichaam ernstig verstoren. 

Asbesthoudende golfplaten

Asbest

Asbest bestaat uit heel fijne vezels. Deze kunnen bij inademing in de longen achterblijven en vanuit het longweefsel in het longvlies terechtkomen. Hieruit kan onder andere longvlieskanker (ook wel mesothelioom genoemd) ontstaan. Asbesthoudend materiaal levert vooral gevaar op als het op de verkeerde manier verwijderd of bewerkt wordt, omdat er dan vezels kunnen vrijkomen.

Uitlaatpijp auto

Fijn stof

Het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek (IARC) van de Wereldgezondheidsorganisatie classificeert luchtvervuiling — en dus ook fijn stof — als kankerverwekkend. Langdurige blootstelling aan fijn stof verhoogt onder meer de kans op longkanker. Vlaanderen kampt gemiddeld met de hoogste graad van luchtverontreiniging door fijn stof in West-Europa.

Man zaagt hout met cirkelzaag

Houtstof

Langdurige blootstelling aan houtstof kan kanker veroorzaken in de neusholten of in de neusbijholten (de sinussen). Aan al wie gedurende lange tijd in contact komen met houtstof (schrijnwerkers, houtbewerkers, meubelmakers ...), wordt daarom aangeraden om zich preventief te beschermen.