Marc Coenen over prostaatkanker

Het jaar van de krab
Mark Coenen
Uit Leven, editie 71, juli 2016

Mark Coenen, (57) opleidingshoofd Journalistiek in Hasselt, communicatieadviseur en voormalig VRT-manager, kreeg in 2015 prostaatkanker. Nu, een jaar later, trekt hij drie lessen uit zijn ‘jaar van de krab’.

Auteur: Marc Coenen - Fotograaf: Leo De Bock
Foto: KotK/Leo De Bock, Leven 71, juli 2016

Kanker. In het Engels - Cancer - is het mijn sterrenbeeld. In het Duits - Krebs - klinkt het als een Feldwebel. Vorig jaar was mijn jaar van de krab. Zeggen dat mijn leven sinds 7 juli 2015 in het teken van kanker staat, zou overdreven zijn, want dat zou betekenen dat ik met niets anders bezig ben geweest. Dat is niet waar. Het bericht dat mijn prostaat volksvreemde kiemen herbergde, klaar om dood en verderf te zaaien, maakte mij eerst onzeker en klein.

Op de vooravond van mijn 57ste verjaardag kreeg ik daar een mailtje van mijn uroloog. Het begon met ‘Tot mijn grote spijt moet ik u melden’. Kanker, dus. Die week in Italië werd de langste vakantieweek van mijn leven. Dat had niets te maken met mijn vriend, die bijzonder hard zijn best deed om zich in te leven, maar alles met mij, die daar geen boodschap aan had. Ik wilde mijn vrouw. Ik wilde mijn kinderen. The ties that bind. Ik wilde ook geen antwoorden op mijn vragen: ik wilde alleen mijn verhaal doen. En nog eens. En nog eens.

Ik wilde mijn vrouw. Ik wilde mijn kinderen. The ties that bind. Ik wilde ook geen antwoorden op mijn vragen: ik wilde alleen mijn verhaal doen. En nog eens. En nog eens.

De enige die mijn vragen kon beantwoorden zat trouwens in zijn artsenpraktijk in België. De enige die ik wilde geloven, ook: ik werd ook van de slag volstrekt analoog omdat ik na twee keer googelen op ‘prostaatkanker’ wist dat ik aan het lezen der fora der sukkelende kankercollega's, krankjoreme natuurwijzen en pedante piskijkers alleen maar een depressie zou overhouden. Ik had een hondsvertrouwen in mijn chirurg. Dat helpt.

Het is pas als je kanker krijgt dat je beseft hoeveel mensen met die ziekte te maken krijgen in hun leven. En hoeveel mensen dat willen delen. Het is een bekende reflex: kankerverhalen delen verhoogt schijnbaar de betrokkenheid en geeft blijk van empathie. Niet dus. Ik had er geen boodschap aan, meer nog, het irriteerde mij mateloos.

Foto: KotK/Leo De Bock, Leven 71, juli 2016

De ergsten zijn de mensen die goedbedoeld beginnen over hun schoonvader, die ondanks kanker, die al uitgezaaid was tot achter het steunbeen, na drie maanden weer de Ventoux opknalde met een verzet waar Merckx in zijn hoogdagen nog niet aan toe kwam. 53x11! Laat mij toch met rust met uw onzin. Dit is mijn kanker, niet die van uw schoonvader. Ne touche pas à mon cancer.

Les 1: zorg dat je je bij dit soort van klotenieuws op loop- en niet op vliegafstand van je geliefden bevindt.

Toen de MRI-scan uitwees dat er nog geen uitzaaiingen waren, kocht ik mij een bos prachtige zonnebloemen en trad er een tweede fase in, waarbij onrust soms al plaats maakte voor vastberadenheid.

Foto: KotK/Leo De Bock, Leven 71, juli 2016

Maar ik was tegelijk wel een document aan het maken om mijn uitvaart te regelen. Dat gaf mij op de een of andere manier ook rust. Maar ik zou dat varkentje wel wassen. Al sneed men mij onverdoofd open van lies tot adamsappel: geen probleem. Mijn zegen hadden ze.

Mijn uroloog had mij bij het eerste consult nog gezegd dat ook bestraling en chemo tot de mogelijkheden behoorden, maar dat hoorde ik maar amper. Ik ging helemaal voor het Bijbelse scenario: ‘Als je hand slechte dingen doet, hak hem dan af. Je kunt beter met één hand het eeuwige leven binnengaan, dan met twee handen in de hel terechtkomen, in het vuur dat nooit uitgaat.’ (Markus, 9, vers 43). Voor mij was ‘het vuur dat nooit uitgaat’ de vrees dat chemo niet alle kwaad met wortel en al zou kunnen uitrukken. En dat ik vertrokken was voor een nooit eindigende calvarietocht van infusen, hormoontherapieën en haaruitval.

‘Ik zou graag hebben dat uw vrouw meekomt naar het consult’, sprak mijn uroloog vervolgens, voorkomend als hij is. Prostaatkanker heeft, anders dan vele andere kankers, immer ook rechtstreeks impact op iets wat je deelt met je allerliefste: je seksleven. 

Klaarkomen, had ik geleerd bij meester Cruysweeghs in het vierde studiejaar, kan alleen met een erectie. Dat bleek, 48 jaar later, niet waar te zijn

Bij de operatie tracht men de zenuwbanen rond de prostaat te sparen, want die zorgen mede voor een gezonde erectie. Als dat sparen niet lukt dan is de kans op spontane verheffing van de mannelijke slagtand zo goed als uitgesloten. Er zijn ergere dingen, maar voor een man toch niet zo heel veel.

Klaarkomen, had ik geleerd bij meester Cruysweeghs in het vierde studiejaar, kan alleen met een erectie. Dat bleek, 48 jaar later, niet waar te zijn. Ook zonder paal boven water kan er gekomen worden. It's all between the ears, blijkt. Het vergt enige aanpassing aan de bedgewoontes, maar gelukkig staat of valt de horizontale tevredenheid , ook die van de partner, niet met penetratie. En omdat mijn zenuwbanen bij de operatie gespaard bleven, luikt aan de kimme toch nog de mogelijkheid dat hij ooit nog zelfstandig tot verheffing komt. Tot dan leef ik in hoop en ben ik impotent, maar content.

Les twee is dus: trouw met de juiste vrouw. 

Foto: KotK/Leo De Bock, Leven 71, juli 2016

Na een zomer vol aandacht en liefde ging ik op 1 september onder het mes. Zes weken later ging ik terug aan de slag. En hoe. Nooit zo veel en graag gewerkt, nooit zoveel en graag genoten. Alsof de dood mij op de hielen zit. In het begin loop je nog een beetje schichtig, omdat nog niet alle loodgieterij optimaal functioneert, maar ook dat was bij mij snel onder controle, onder meer dankzij het fanatieke oefenen van een spier waarvan ik tot dan het bestaan niet vermoedde: de bekkenbodemspier. Die van mij is nu zo sterk dat ik er mee naar de Olympische Spelen in Rio mag, deze zomer. Ze weten alleen nog niet voor welke discipline.

Iedere mens heeft twee levens, zei de door IS vermoorde Amerikaanse ontwikkelingshelper Steven Sotloff in zijn afscheidsbrief: het tweede begint als je beseft dat je er maar één hebt. Dat is een ontzettend ware uitspraak, ondervond ik na mijn operatie. Ik besef veel meer dan vroeger dat mijn tijd op raakt. Daar doe ik niet dramatisch over, want we maken het allemaal mee: voor ons zijn al miljarden mensen tot sterrenstof vergaan. Enige bescheidenheid in deze zou ons sieren. Zo belangrijk zijn we nu ook weer niet.

In het begin loop je nog een beetje schichtig, omdat nog niet alle loodgieterij optimaal functioneert, maar ook dat was bij mij snel onder controle, onder meer dankzij het fanatieke oefenen van de bekkenbodemspier.

Mijn kanker heeft mij wel geleerd aandacht te hebben voor dat eindige. Niet constant, maar toch. Ik wil het seizoen waarin ik mij bevind - een prachtige Indian Summer, de zon staat al wat lager maar het is nog warm en de natuur is op zijn mooist - zo lang mogelijk laten duren. Dat hangt jammer genoeg niet alleen van mij af. De driemaandelijkse check-up's bij de dokter maken dat ik telkens weer een weekje slecht slaap, maar voorlopig staan alle signalen op groen. Nog vier jaar en een half wachten om zeker te zijn, maar ik heb het gevoel dat déze kanker mij alvast niet klein zal krijgen.

Oliver Sacks, de Britse neuroloog en auteur van o.a. Awakenings die in 2015 stierf aan kanker, schreef zijn laatste momenten neer in wat ik het mooiste boekje in jaren vind. Het heet: Dankbaarheid. Daarin schrijft hij: ‘Ik kan niet doen alsof ik niet bang ben. Maar mijn overheersende gevoel is een van dankbaarheid. Ik heb van mensen gehouden en zij van mij, ik heb veel gekregen en heb iets teruggegeven. Maar in de eerste plaats ben ik op deze prachtige planeet een bewust denkend wezen geweest, een denkend dier, en dat alleen al was een enorm voorrecht en avontuur.’ Ik hoop dat die verleden tijd mij nog een jaar of 50 bespaard blijft, maar het is een tekst waar ik mij helemaal in terugvind. Uitvaartmateriaal.

Les 3 is dus: wees dankbaar.

Kanker heeft mij het besef gegeven dat, in de woorden van Sacks, het leven een voorrecht en een avontuur is. Daarvoor ben ik die malicieuze klootzak, diep in mijn buik, hoe raar het ook moge klinken, dankbaar. Ondertussen geniet ik van elke boterham, want mijn tweede leven is nog maar pas begonnen.

Lees meer

Medische informatie over prostaatkanker, lezingen en andere activiteiten of lotgenotencontact.

 

Leven

Dit artikel is verschenen in het magazine Leven van Kom op tegen Kanker. U kunt hier alle verhalen uit het magazine lezen.