Hodgkinlymfoom

Een Hodgkinlymfoom is een type kanker dat begint in het lymfestelsel. Een Hodgkinlymfoom ontstaat doordat een afwijkende lymfekliercel abnormaal groeit. Welke onderzoeken moet u ondergaan? Welke behandelingen zijn mogelijk? Hoe komt u in contact met lotgenoten?

Wat is een Hodgkinlymfoom?

355 diagnoses hodgkinlymfoom
op 67.820 kankerdiagnoses in 2014
(België)

Hodgkinlymfoom is een kanker die begint in het lymfestelsel. Dat lymfestelsel is een complex systeem in ons lichaam — enigszins vergelijkbaar met het bloedstelsel — dat bestaat uit lymfeweefsel en lymfeklieren die verbonden zijn door lymfevaten. Het lymfestelsel speelt een belangrijke rol in de afweer tegen ziekteverwekkers.

Lymfestelsel vrouw Het lymfestelsel is een complex systeem in ons lichaam dat bestaat uit lymfeweefsel en lymfeklieren die verbonden zijn door lymfevaten. Het lymfestelsel speelt een belangrijke rol in de afweer tegen ziekteverwekkers.

Door de lymfevaten stroomt lymfe, een vloeistof die lymfocyten bevat. Lymfocyten zijn witte bloedcellen die infecties tegengaan. Ze ontstaan in het beenmerg uit de stamcellen. Wanneer de lymfocyten zich abnormaal gaan ontwikkelen en ongecontroleerd beginnen woekeren, spreekt men van lymfeklierkanker of lymfoom.

Andere soorten kanker, borstkanker of longkanker bijvoorbeeld, kunnen via het lymfeweefsel uitzaaiingen geven in andere organen. Deze uitzaaiingen in de lymfeklieren zijn echter geen lymfomen. Lymfomen ontstaan echt uit de cellen van het lymfeweefsel, en ze kunnen zich via de lymfevaten en het bloed ook door het hele lichaam verspreiden.

Soorten lymfomen

Er zijn twee grote soorten kwaadaardige lymfomen: Hodgkinlymfoom (genoemd naar dokter Hodgkin, die de ziekte in de 19de eeuw voor het eerst beschreef) en non-Hodgkinlymfomen. Ongeveer 30 procent van de lymfomen zijn hodgkinlymfoom, 70% zijn non-Hodgkinlymfomen.

Deze pagina’s gaan alleen over Hodgkinlymfoom. Lees hier meer over non-Hodgkinlymfomen.

Hodgkinlymfoom is een zeldzame kanker (hij maakt ongeveer 0,5% uit van alle kankers in België). De Stichting Kankerregister registreerde in 2013 in België 323 nieuwe gevallen van Hodgkinlymfoom. Hodgkinlymfoom treft meestal jonge mensen tussen 15 en 35 jaar. Een tweede piek komt voor bij patiënten ouder dan 65 jaar. De ziekte komt iets vaker voor bij mannen (192 diagnoses in 2013) dan bij vrouwen (131 diagnoses in 2013).

Voorkomen

U kunt niet vermijden dat u mogelijk kanker krijgt, maar u kunt wel een en ander doen om het risico op de ziekte te verkleinen: niet roken, gezond eten en bewegen, verstandig omgaan met de zon. Lees hier meer over de preventie van kanker.

Onderzoeken

Vaak is het eerste symptoom van Hodgkinlymfoom een voelbare zwelling van een of meer lymfeklieren in de hals, in een van de oksels of een van de liezen. Meestal zijn deze zwellingen niet pijnlijk. Soms zijn ze gevoelig als u er op drukt. 

Zwellingen van lymfeklieren kunnen ook in de ruimte tussen de longen ontstaan. Deze zwellingen geven klachten als benauwdheid of pijn in de omgeving van het borstbeen. Ook de volgende klachten of symptomen kunnen voorkomen: onverklaarbaar gewichtsverlies, koorts, hevig zweten (vooral ’s nachts) en felle jeuk.

Deze symptomen zijn echter niet altijd specifiek voor Hodgkinlymfoom, maar als ze niet na enige tijd vanzelf overgaan, is het wel het best ermee naar de huisarts te gaan. Hij zal een algemeen lichamelijk onderzoek en een bloedonderzoek doen, en u indien nodig doorverwijzen naar een specialist.

Een biopsie is de enige manier om de diagnose Hodgkinlymfoom te stellen. Een biopsie is een kleine ingreep waarbij een vergrote lymfeklier of andere stukjes lymfeweefsel weggenomen worden om in het laboratorium op kankercellen te onderzoeken.

Als de diagnose Hodgkinlymfoom gesteld is, dienen nog andere onderzoeken te gebeuren om te zien of er mogelijk elders in het lichaam tumoren te zien zijn en om te weten in welk stadium de ziekte zich bevindt. Dat helpt de artsen immers mee de behandeling te bepalen. Mogelijke onderzoeken zijn:

  • een CT-scan (computertomografie): zeer gedetailleerde röntgenfoto’s van het lichaam,
  • een PET-scan (positron emission tomography): er wordt een kleine hoeveelheid licht radioactieve vloeistof ingespoten om eventuele lymfomen zichtbaar te maken op foto,
  • een PET-CT-scan: dit is een gecombineerd onderzoek dat bestaat uit een CT-scan en een PET-scan,
  • een MR-scan of MRI (magnetic resonance imaging): een scan waarbij een magnetisch veld wordt opgewekt waarmee beelden van het inwendige van het lichaam gemaakt worden,
  • een beenmergonderzoek: met een naald wordt wat beenmerg opgezogen uit het borstbeen of de bekkenkam om te onderzoeken.

Stadia

Er worden vier stadia onderscheiden voor Hodgkinlymfoom. Op basis van het stadium kan de specialist inschatten hoe de ziekte zal evolueren en welke behandeling het meest aangewezen is.

  • Stadium I: één groep lymfeklieren of één orgaan is aangetast, bijvoorbeeld de lymfeklieren in één oksel.
  • Stadium II: twee of meer groepen lymfeklieren aan dezelfde kant van het middenrif zijn aangetast.
  • Stadium III: er zijn lymfeklieren of weefsel aangetast boven én onder het middenrif.
  • Stadium IV: het lymfoom heeft zich buiten het lymfestelsel verspreid naar andere organen zoals het beenmerg, de lever of de longen.

Bij elk stadium wordt de letter ‘B’ toegevoegd (bijvoorbeeld stadium IIB) als er zogenaamde ‘B-symptomen’ optreden. B-symptomen zijn:

  • een onverklaarbaar gewichtsverlies van meer dan 10 %, of
  • onverklaarbare hoge koorts, of
  • hevig nachtelijk zweten

Bij patiënten zonder deze symptomen wordt de letter ‘A’ toegevoegd aan het stadium (bijvoorbeeld stadium IA).

Behandelingen

De behandeling van Hodgkinlymfoom wordt besproken en gepland in een overleg waarbij specialisten van verschillende disciplines en idealiter ook de huisarts betrokken zijn. Dit team van artsen, elk vanuit zijn of haar eigen expertisedomein, houdt voor de keuze van de behandeling vooral rekening met het stadium waarin de ziekte zich bevindt en met de algemene conditie en leeftijd van de patiënt. De behandelend arts bespreekt het behandelingsvoorstel vervolgens met de patiënt. In overleg met de patiënt legt de behandelend arts de uiteindelijke behandeling vast.

De behandeling bestaat meestal uit chemotherapie, al dan niet gecombineerd met radiotherapie. In bepaalde gevallen wordt gekozen voor immunotherapie of intensieve chemotherapie gevolgd door een stamceltransplantatie. Uw behandelend arts kan u ook vragen om deel te nemen aan wetenschappelijk onderzoek (ook een klinische studie genoemd).

Soms zijn er verschillende behandelingsopties of combinaties van behandelingen mogelijk. Aarzel niet uw artsenteam vragen te stellen over de keuzemogelijkheden en over de bijwerkingen van de verschillende behandelingen. Bij twijfel kan ook een tweede mening van een andere specialist verhelderend en nuttig zijn.

Forum

Interview

Hallo iedereen

Ik en 3 andere klasgenoten houden onze GIP over leukemie bij kinderen. Een onderdeel daarvan is dat wij een interview houden over leukemie.

Wij zoeken dus kandidaten die dit zouden zien zitten, dus als u dit heeft gehad als kind of als iemand in uw gezin het heeft gehad als kind. Het zou ons heel erg helpen als u het niet erg vindt om wat vragen voor ons te beantwoorden.

Met vriendelijke groeten
Chloë, Daphne, Joni en Jating

Chronische myelomonocytaire leukemie

Ik ben 63 jaar. Over 5 jaar kreeg ik de diagnose "chronische myelomonocytaire leukemie" Eerder een zeldzame vorm van leukemie. Tot op heden neem ik geen medicatie. De verhoogde monocyten waarde blijft stabiel. Het enige waar ik enorm veel last van heb is jeuk.
Een douche nemen bv. is echtwel pfff. Deppen en daarna zeker nog een half uur overal jeuk. De jeuk vliegt rond, van armen naar benen ..... Iedere keer als er temperatuurschommelingen zijn heb ik jeuk.
Als ik ga slapen, idem probleem, wel minder dan een douche. Eenmaal in slaap totaal geen jeuk.
De hematoloog raadt een lage dosis medrol aan.
Ik vraag me af